Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
hierna te noemen: EuroChem Group,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
EUROCHEM INTERNATIONAL HOLDING B.V.,
hierna te noemen: EuroChem IH,
1.De procedure
De motivering van hun spoedeisend belang heeft er vervolgens niet toe geleid dat er een andere (eerdere) vonnisdatum is bepaald.
2.De feiten
2.6. In het beslagrekest van Avtodor staat – zakelijk weergegeven en voor zover van belang – onder meer het volgende:
- Avtodor bezit mijnbouwrechten op graniet- en diorietafzettingen op ongeveer 65 kilometer van de stad Mariupol in de provincie Donetsk in Oekraïne;
- in januari 2022 is Avtodor gestart met de winning en verwerking van graniet voor de levering aan een Oostenrijkse afnemer waarmee zij een contract had gesloten;
- in februari 2022 lanceerde de Russische Federatie, met vrijwillige, directe en actieve financiering en logistieke en materiele steun van verschillende Russische industriële groepen de “2022 Russische Campagne”, welke de invasie en bezetting van Oekraïne omvatte en verduistering door, en herverdeling onder loyale Russische industriële groepen, van activa van Oekraïense bedrijven (waaronder Avtodor’s bedrijf) mogelijk maakte;
- tot de Russische industriële groepen die de 2022 Russische Campagne mogelijk maakten, behoort de groep die volledig eigendom is van en gecontroleerd wordt door EuroChem Group;
- EuroChem Group stond willens en wetens toe dat haar twee Russische volle dochters (Novomoskovsky JSC Azot en JSC Nevinnomyssky Azot) regelmatig aan een Russische militaire staatsfabriek (Sverdlov Plant) ingrediënten leverden (respectievelijk ongeveer 5.000 ton salpeterzuur en ongeveer 38.000 ton azijnzuur) voor de productie van explosieven die in de 2022 Russische Campagne werden gebruikt;
- volgens een onafhankelijk explosievenexpertiserapport is dit genoeg om tot 3.600 ton HMX of RDX te produceren, of tot 4.000 ton TNT, welke hoeveelheid explosieven genoeg is om tussen 470.000 en 2,8 miljoen groot-kaliber artilleriegranaten, 18.000 X-101 raketten, 13.500 Iskander en Kalibr raketten te vullen, waarmee Oekraïne regelmatig het doelwit is geweest in het kader van de 2022 Russische Campagne;
- EuroChem c.s. hebben bedoeld, voorzien of hadden moeten voorzien dat hun handelingen de 2022 Russische Campagne mogelijk zouden maken en bevorderen en dat als gevolg daarvan schade zou worden toegebracht aan partijen in posities zoals die van Avtodor door verduistering en daaropvolgende herverdeling van het bedrijfsvermogen van Avtodor;
- na de bezetting van de locatie waar Avtodor haar mijnbouwcomplex had werd dit complex onrechtmatig in bezit genomen door het “staats”-mijnbouwbedrijf Nedra DPR van de niet-erkende Volksrepubliek Donetsk;
- Nedra DPR kwalificeert vermoedelijk als de partij die het meest direct verantwoordelijk en aansprakelijk is voor de veroorzaakte schade, maar Avtodor acht de kans van een succesvolle tenuitvoerlegging van een vonnis tegen Nedra DPR te verwaarlozen en heeft Nedra DPR daarom niet in de hoofdzaak betrokken;
- op 28 juli 2025 heeft Avtodor haar vordering in de hoofdzaak ingediend bij de bevoegde rechtbank van koophandel te Zaporizja in Oekraïne;
- aan EuroChem c.s. is voorafgaand aan het instellen van de hoofdzaak geen sommatie gestuurd, omdat dit om een aantal redenen achterwege kon blijven;
- in de dagvaarding in de hoofdzaak is de hoofdelijke aansprakelijkheid van EuroChem c.s. gestoeld op twee bouwstenen: groepsaansprakelijkheid wegens onrechtmatige daad van twee Russische vennootschappen (Novomoskovsky JSC Azot en JSC Nevinnomyssky Azot) en
alter ego-aansprakelijkheid van EuroChem c.s. met die Russische direct aansprakelijke groepsvennootschappen;
- op grond van de Oekraïense IPR-wet is de Oekraïense rechter bevoegd en is Oekraïens recht van toepassing;
- het door de Oekraïense rechter te wijzen vonnis in de hoofdzaak kan in Nederland worden erkend en ten uitvoer gelegd;
- Avtodor wenst conservatoir beslag te leggen ten laste van EuroChem Group en EuroChem IH;
- de conservatoire beslagen zijn noodzakelijk en voldoen aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit;
- de voorzieningenrechter van deze rechtbank is bevoegd ten aanzien van het verzoek tot het leggen van conservatoir beslag op aandelen in EuroChem IH nu deze vennootschap statutair gevestigd is in Amsterdam;
- aangezien alle conservatoire beslagen zien op een en dezelfde vordering wegens hoofdelijke aansprakelijkheid, is de voorzieningenrechter van deze rechtbank ook voor het overige bevoegd om van het beslagrekest kennis te nemen.
3.Het geschil
acte jure imperii). De Russische Federatie is niet betrokken in de nieuwe door Avtodor gestarte Oekraïense procedure, omdat verschillende Nederlandse rechters eerder hebben geweigerd Oekraïense vonnissen direct gericht tegen de Russische Federatie, of rechtspersonen die daarmee beweerdelijk zijn te vereenzelvigen, uit te voeren wegens immuniteit van jurisdictie. De nieuwe vordering van Avtodor raakt echter rechtstreeks aan de rechten, belangen en activiteiten (
indirect impleading) van de Russische Federatie en stuit daarom ook af op immuniteit van jurisdictie. Dit blijkt uit artikel 6 lid Pro 2(b) van het VN-Immuniteitsverdrag. Dat dat verdrag nog niet in werking is getreden, doet daaraan niet af. Het VN-Immuniteitsverdrag is inmiddels door 25 staten geratificeerd (waaronder Nederland; zonder voorbehoud bij artikel 6 lid Pro 2(b)) en door nog eens 14 staten ondertekend. Op grond van het Weens Verdragenverdrag moet Nederland zich onthouden van handelingen die strijdig zijn met voorwerp en doel van het VN-Immuniteitsverdrag. Artikel 6 lid 2 codificeert Pro bovendien internationaal gewoonterecht. Zonder de onteigening zou het verweten handelen van EuroChem c.s. niet onrechtmatig zijn geweest. De onteigening is het fundament voor de vordering van Avtodor. De Oekraiense rechter dient zich over het handelen van de Russische Federatie uit te spreken om te kunnen vaststellen dat het vermeende handelen van EuroChem c.s. onrechtmatig zou zijn geweest. De vordering van Avtodor raakt daarmee aan de rechten, belangen en activiteiten van de Russische Federatie en stuit dus af op immuniteit van jurisdictie.
- EuroChem c.s. zijn meststoffenproducenten en hebben geen enkele rol gespeeld bij de gebeurtenissen in Oekraïne. EuroChem c.s. zijn dan ook niet betrokken geweest bij de onteigening. Het op het laatste moment toevoegen van EuroChem c.s. aan de nieuwe procedure in Oekraïne lijkt enkel bedoeld om extra vermogensbestanddelen buiten Rusland aan te kunnen spreken. De vordering mist iedere grondslag. Anders dan Avtodor in het beslagrekest doet voorkomen worden EuroChem c.s. in de lopende bodemzaak in Oekraïne niet aansprakelijk gehouden op de grondslag van groepsaansprakelijkheid, maar slechts op grond van alter-ego aansprakelijkheid (vereenzelviging) naar Oekraïens recht.
- De Oekraïense rechter is onbevoegd om kennis te nemen van vorderingen die voortvloeien uit soeverein overheidshandelen van de Russische Federatie.
- De vordering van Avtodor berust niet op het juiste toepasselijk recht. Naar Oekraïens conflictenrecht is Russisch recht van toepassing.
- Zowel naar Oekraïens als naar Russisch recht voldoet de vordering van Avtodor niet aan de vereisten voor onrechtmatige daad: (i) de gestelde schade is niet zelfstandig en toerekenbaar aan handelingen van EuroChem c.s.; (ii) onrechtmatigheid van louter commerciële leveringen van salpeterzuur en azijnzuur ontbreekt; (iii) het (direct) causaal verband ontbreekt; en (iv) schuld is niet aannemelijk gemaakt.
- Van gronden voor vereenzelviging is geen sprake. Naar Oekraïens recht moet vereenzelviging worden beoordeeld volgens de lex societas. Voor EuroChem Group geldt dan Zwitsers recht en voor EuroChem IH Nederlands recht. Beide rechtsstelsels staan vereenzelviging slechts toe in uitzonderlijke gevallen. Van volledige veronachtzaming van de rechtspersoonlijkheid of van misbruik van de vennootschappelijke identiteit is geen sprake.
- EuroChem c.s. zijn tot op heden niet rechtsgeldig opgeroepen in de Oekraïense bodemprocedure. Het Oekraïense vonnis kan reeds daarom in Nederland niet erkend of ten uitvoer worden gelegd.
- EuroChem c.s. zullen ten slotte in Oekraïne geen eerlijk proces krijgen in de bodemzaak. De behandelend rechter is gezien zijn eerdere uitspraken niet onpartijdig en niet onafhankelijk. Hij wijst vorderingen van Oekraiense eisers automatisch toe, zeker wanneer de gestelde schade is veroorzaakt door de Russische Federatie.
- Het erkenningsverdrag van 2 juli 2019 is vanwege een op 8 december 2023 door Oekraïne afgelegde verklaring niet van toepassing op tijdelijk bezette gebieden zoals het district Zaporizja. Oekraiense vonnissen die betrekking hebben op schade in dat gebied, zoals aan de orde in de bodemzaak, kunnen dus niet in aanmerking komen voor erkenning en tenuitvoerlegging in Nederland op grond van het erkenningsverdrag.
- Er is geen reële kans dat Avtodor een exequatur in Nederland zal verkrijgen wegens de ondeugdelijkheid van haar vordering en mede vanwege immuniteit van jurisdictie.
- De gelegde beslagen ontwrichten de bedrijfsvoering van EuroChem c.s. ernstig. De suggestie dat EuroChem c.s. iets met de oorlog in Oekraïne te maken heeft schaadt haar reputatie ernstig. Er is een gegronde vrees dat cruciale zakelijke relaties zullen worden beëindigd zodra deze crediteuren kennisnemen van de gelegde beslagen. Het beslag kwalificeert tevens als event of default onder de financieringsovereenkomst die EuroChem c.s. heeft gesloten, waardoor leningen nu opeisbaar zijn en moeten worden terugbetaald. Ook de beëindiging van andere overeenkomsten dreigt en de beslagen belemmeren het aantrekken van nieuwe financiering. De daardoor ontstane schade kan oplopen tot honderden miljoenen euro’s.
- De beslagen zijn onnodig, omdat er geen vrees is dat verhaal op EuroChem c.s. onmogelijk zal zijn. EuroChem Group is gevestigd in Zwitserland en heeft een miljardenomzet en voldoende activa om verhaal te bieden. De vrees voor verduistering ontbreekt. Daarnaast is er al meer dan genoeg zekerheid door eerder gelegd beslagen ten laste van andere vennootschappen. De beslagen zijn dan ook niet proportioneel.
- Het beslagrekest is onvolledig, omdat Avtodor de voorzieningenrechter geen volledig overzicht heeft gegeven van reeds gelegde beslagen, hetgeen in strijd is met artikel 21 Rv Pro.
- Avtodor maakt misbruik van procesrecht door in Nederland eenvoudig ex parte een beslagverlof te verkrijgen, terwijl opheffing vervolgens lastig is omdat de kortgedingrechter slechts marginaal toetst. Avtodor probeert immuniteit van jurisdictie te omzeilen. Zij ziet Nedra DPR als meest direct aansprakelijke partij, maar richt haar pijlen op EuroChem c.s. die zij ten onrechte in verband brengt met de oorlog. Ook dat levert misbruik van procesrecht op.
- Ten slotte geldt dat Avtodor geen verhaal zal bieden voor de schade die EuroChem c.s. lijden als gevolg van de onterechte beslagen, aldus steeds EuroChem c.s.
4.De beoordeling
alter egovan de Russische EuroChem vennootschappen. Van
alter egoaansprakelijkheid van de Russische Federatie met de Russische EuroChem vennootschappen en EuroChem c.s. is volgens EuroChem c.s. geen sprake. Daardoor werkt de staatsimmuniteit van de Russische Federatie niet door in de relatie Avtodor/EuroChem c.s.
indirect impleading, vastgelegd in artikel 6 lid Pro 2(b) van het VN-Immuniteitsverdrag, waarin is bepaald dat staatsimmuniteit tevens aan de orde is in een procedure waarin de staat geen partij is als die procedure
“in effect seeks to affect the property, rights, interests or activities”van die staat
.Dat beroep gaat niet op. Het VN-Immuniteitsverdrag is immers niet in werking getreden. Er is ook niet te verwachten dat het verdrag, dat al meer dan 21 jaar oud is, binnen afzienbare termijn in werking zal treden en het is bovendien niet door de Russische Federatie geratificeerd. Het door EuroChem c.s. bepleite beroep op het leerstuk van
indirect impleadingkan bovendien niet worden gebaseerd op internationaal gewoonterecht. Daarvoor is immers vereist dat de regel (met de door EuroChem c.s. voorgestane ruime strekking) in nationale rechtsstelsels consequent wordt toegepast. Uit de door Avtodor aangehaalde uitspraken uit Noorwegen, België, het Verenigd Koninkrijk, Canada en Zuid Afrika [1] blijkt echter dat
indirect impleadingniet aan de orde is indien, zoals in de onderhavige zaak, de (eigendoms)rechten of rechtspositie van de niet verschenen vreemde staat niet worden aangetast. De uiterste consequentie van een te ruime toepassing van het leerstuk van
indirect impleadingzou zijn dat (rechts)personen die als medepleger betrokken zijn bij onrechtmatige
acte iure imperiiaansprakelijkheid ontgaan voor hun eigen handelen met een beroep op staatsimmuniteit.
4.7. Voor zover EuroChem c.s. meent dat Avtodor in het beslagrekest doet voorkomen alsof zij EuroChem c.s. in de lopende bodemzaak in Oekraïne ook aansprakelijk houdt op de grondslag van groepsaansprakelijkheid, terwijl zij EuroChem c.s. slechts op grond van alter-ego aansprakelijkheid (vereenzelviging) in rechte heeft betrokken, geldt dat daaraan wordt voorbij gegaan nu voorshands aannemelijk is dat Avtodor haar gronden in de bodemzaak nog kan aanvullen of wijzigen.
4.13. EuroChem c.s. hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hun bedrijfsvoering zwaar is ontwricht door de beslagen. Dat de beslagen daadwerkelijk zullen leiden tot reputatie- en/of contractuele schade is evenmin concreet gemaakt. Voor zover EuroChem IH meent dat zij door het bankbeslag niet aan betalingsverplichtingen kan voldoen geldt dat EuroChem Group naar eigen zeggen een miljardenomzet heeft en zelf voldoende verhaal biedt. Derhalve moet EuroChem Group in staat worden geacht om eventuele nadelige financiële gevolgen van het bankbeslag – dat in dit geval voor ruim een half miljoen euro doel heeft getroffen – op te vangen door EuroChem IH van financiële middelen te voorzien. EuroChem c.s. hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het beslag op de aandelen van EuroChem Group in EuroChem IH knelt. Niet gebleken is dat binnen de groep van EuroChem c.s. een herstructurering, een herfinanciering of verkoop van de aandelen op de korte termijn noodzakelijk is.