Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
bijlage IIgenoemde bewijsmiddelen dat verdachte onderdeel heeft uitgemaakt van een groep personen die allen op verschillende manieren hebben bijgedragen aan het plegen van geweldshandelingen tegen aangeefsters en een anonieme omstander . Verdachte maakte geen deel uit van de groep die aangeefsters oorspronkelijk lastigvielen. Op basis van de beelden die door de politie zijn beschreven kan echter worden vastgesteld dat meerdere leden van de gehele aanwezige groep, onder wie verdachte, de verschillende geweldshandelingen tezamen hebben gepleegd. Verdachte heeft daaraan bijgedragen door de trappende beweging die hij maakt in de richting van één van de aangeefsters terwijl zij op de grond ligt. De verklaring van verdachte dat hij zijn been zou hebben gebruikt om één van de aangeefsters te beschermen tegen het geweld wordt weerlegd door de camerabeelden en de beschrijving daarvan.
bijlage IIgenoemde bewijsmiddelen, waaronder de door verdachte ter terechtzitting afgelegde bekennende verklaring.
bijlage IIgenoemde opgave van de bewijsmiddelen.
bijlage IIgenoemde bewijsmiddelen, waaronder de door verdachte ter terechtzitting afgelegde bekennende verklaring.
bijlage IIgenoemde opgave van de bewijsmiddelen.
bijlage IIgenoemde bewijsmiddelen blijkt dat het explosief bestemd is voor het treffen van personen of goederen door middel van ontploffing of brand, en dat deze desgevraagd, door verdachte is geparkeerd in de fietsenstalling van een gebouw. Op grond hiervan is de rechtbank van oordeel dat het explosief dat verdachte voorhanden heeft gehad naar zijn uiterlijke verschijningsvorm, dan wel daadwerkelijk, dienstig kon zijn voor het teweegbrengen van een ontploffing of brand.
bijlage IIgenoemde bewijsmiddelen blijkt: brandstichting dan wel ontploffing – aanwezig is als de verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat dat gevolg zal intreden.
5.Bewezenverklaring
[aangeefster 1] ,
- [aangeefster 2] ,
- [aangeefster 3] en/of
- een anonieme omstander,
- het in een groep afrennen op één of meer van die voornoemde personen,
- het slaan al dan niet met een boksbeugel en/of vuistslagen geven op het hoofd en/of het lichaam aan één of meer van die die voornoemde personen,
- het vasthouden van één of meer van die voornoemde personen,
- het op de grond gooien en/of duwen van die voornoemde personen,
- het schoppen en/of trappen, althans het maken van een schoppende en/of trappende beweging, richting/tegen het lichaam en/of het hoofd van één of meer van die voornoemde personen,
- het afpakken en/of op de grond gooien van de telefoon van één of meer van die voornoemde personen,
- het trekken van plukken haar uit het hoofd van één of meer van die voornoemde personen,
- het tevoorschijn halen en/of tonen van een vuurwapen,
- hierbij te zeggen: "Jullie gaan dood. Jullie zijn er nog niet vanaf” en/of “Blijf op afstand of ik schiet ik je dood",
- het tonen van een mes en/of een boksbeugel,
- het op het hoofd slaan van voornoemde omstander met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp,
- het vervolgens doorladen van dit wapen;
weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;
op 11 juli 2024 te Amsterdam, ter voorbereiding van het te plegen misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten opzettelijk een ontploffing en/of brandstichting teweegbrengen terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander te duchten is (art. 157 Sr Pro), opzettelijk tezamen en in vereniging met een ander, een geïmproviseerde explosieve constructie in de vorm van een facia pakket, bestaande uit een pakket met flitspoeder en stroomkabels, kennelijk bestemd tot het in vereniging begaan van die misdrijven, voorhanden heeft gehad;
hij op 11 juli 2024 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, een wapen van categorie II, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten een geïmproviseerde explosieve constructie in de vorm van een facia pakket, bestaande uit een pakket met
flitspoeder en stroomkabels, zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door vuur of door middel van ontploffing, voorhanden heeft gehad;
hij op 11 juli 2024 te Amsterdam, tezamen en in vereniging met een ander, een scooter
(chassisnummer [nummer] ) voorhanden heeft gehad, terwijl hij en zijn mededader ten tijde van het voorhanden krijgen van dit goed wisten dat het een door misdrijf verkregen goed betrof.
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
10.De vordering tot tenuitvoerlegging
11.De vordering tot gevangenneming
12.Toepasselijke wettelijke voorschriften
13.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige dadersvoor de duur van
twee jaar.