Op 14 november 2025 heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak betreffende de voortzetting van de ISD-maatregel voor een veroordeelde die geen rechtmatig verblijf in Nederland heeft. De veroordeelde, geboren in Algerije in 1996, is momenteel gedetineerd en heeft een ISD-maatregel opgelegd gekregen voor de duur van twee jaren. De rechtbank heeft kennisgenomen van verschillende stukken, waaronder een verzoek tot tussentijdse toetsing van de ISD-maatregel en een adviesrapport van de P.I. Veenhuizen. De rechtbank heeft de officier van justitie, de veroordeelde, zijn raadsman en een deskundige gehoord tijdens een openbare zitting.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de ISD-maatregel op 14 januari 2025 is ingegaan en dat het doel van deze maatregel is om recidive te voorkomen en gedragsbeïnvloeding te realiseren. De veroordeelde heeft een inreisverbod van twee jaar en er is een lopend onderzoek naar zijn identiteit. De rechtbank concludeert dat de veroordeelde niet meewerkt aan zijn terugkeer naar Algerije en dat zijn verblijf in Nederland onrechtmatig is. De rechtbank oordeelt dat het noodzakelijk is om de ISD-maatregel voort te zetten om de maatschappij te beschermen en het recidiverisico te verminderen. Het verzoek van de raadsman om een termijn van drie maanden voor terugkeer wordt afgewezen, en de rechtbank besluit de ISD-maatregel voort te zetten.