ECLI:NL:RBAMS:2025:8931

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
12 november 2025
Publicatiedatum
19 november 2025
Zaaknummer
C/13/777188 / KG ZA 25-842
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Procedures
  • Proceskostenveroordeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Schorsing van non-concurrentiebeding en relatiebeding in franchiseovereenkomst

In deze zaak vorderden de eisers, bestaande uit drie B.V.'s, in kort geding een schorsing van het non-concurrentiebeding en het relatiebeding uit hun franchiseovereenkomst met ASN Groep B.V. De eisers stelden dat de wijzigingen in de nieuwe franchiseovereenkomst hun rechtspositie aanzienlijk verslechterden en dat zij onvoldoende waren geïnformeerd over deze wijzigingen. De rechtbank oordeelde dat de eisers niet aan het non-concurrentiebeding gebonden zijn, omdat ASN niet aan haar informatieplicht heeft voldaan. De rechtbank schorste de werking van het non-concurrentiebeding en het relatiebeding totdat in een bodemprocedure is beslist over de rechtsgeldigheid van deze bedingen. De vordering tot betaling van bonussen werd afgewezen, omdat het bestaan en de omvang van de vordering niet voldoende aannemelijk waren gemaakt. ASN werd veroordeeld in de proceskosten van de eisers.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/777188 / KG ZA 25-842 VVV/EB
Vonnis in kort geding van 12 november 2025
in de zaak van

1.[eiser 1] B.V.,

te [vestigingsplaats 1] ,
2.
[eiser 2] B.V.,
te [vestigingsplaats 1] ,
3.
[eiser 3] B.V.,
te [vestigingsplaats 1] ,
eisende partijen,
hierna samen te noemen: [eisers] ,
advocaat: mr. H. Scheper,
tegen
ASN GROEP B.V.,
te Amsterdam,
gedaagde partij, vrijwillig verschenen,
hierna te noemen: ASN,
advocaat: mr. M. Verberkmoes-Cota.

1.De procedure

1.1.
Op de zitting van 29 oktober 2025 heeft [eisers] de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. ASN heeft verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnota ingediend.
Op de zitting waren aan de zijde van [eisers] aanwezig [naam 1] ((indirect) bestuurder) en mr. Scheper. Aan de zijde van ASN waren aanwezig [naam 2] (CEO), mr. J. Staats (bedrijfsjurist bij Alliance Automotive Group Benelux, de moedervennootschap van ASN) en mr. Verberkmoes-Cota.
Vonnis is bepaald op vandaag.
1.2.
De inhoud van de brief die ASN daags voor de vonnisdatum heeft ingediend is buiten beschouwing gelaten, omdat die is ingediend ná de sluiting van de mondelinge behandeling en niet inhoudt dat partijen een schikking hebben bereikt.

2.De feiten

2.1.
[eisers] ( [eiser 2] ) exploiteert sinds 1971 een onderneming in de autoschadeherstel. De vader van de huidige eigenaren [naam 1] en [naam 3] is de onderneming gestart met een vestiging in [vestigingsplaats 1] . In 2018 hebben [naam 1] en [naam 3] het bedrijf overgenomen.
2.2.
Niet lang daarvoor was [eisers] als franchisenemer een samenwerking aangegaan met ASN. ASN drijft een onderneming die bemiddelt in autoschadeherstel. Zij heeft als franchisegever een netwerk van autoschadeherstelbedrijven met landelijke dekking opgezet. Haar klanten zijn verzekeraars en leasemaatschappijen.
2.3.
De franchiseovereenkomst die in 2019 tussen [eisers] en ASN gold, bevatte onder meer de volgende bepalingen:
“(…)
21.2
Franchisenemer verbindt zich gedurende de looptijd van deze overeenkomst geen bedrijfsactiviteiten, die concurrerend zijn met het bedrijf van franchisegever te zullen drijven of doen drijven, noch daarin direct of indirect en al of niet in dienstverband werkzaam te zijn of daarin op enigerlei andere wijze betrokken te zijn zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van franchisegever, binnen het rayon, zoals omschreven in artikel 2.3 van deze overeenkomst. Franchisenemer zet zich optimaal in voor de exploitatie van zijn ASN vestiging en zal geen nevenactiviteiten ondernemen c.q. ontplooien die strijdig (kunnen) zijn met zijn franchiseactiviteiten.
(…)
21.4
Het is de franchisenemer verboden gedurende één [1] jaar na beëindiging uit welke hoofde ook van de onderhavige overeenkomst, voormalige leveranciers en/of relaties/klanten te benaderen. Onder voormalige relaties/klanten worden in dit verband verstaan klanten van de franchisegever en de overige franchisenemers die op het moment van beëindiging van deze overeenkomst één of meer producten afnemen of hebben afgenomen in de periode van twee jaar daarvoor, voortvloeiende uit enige activiteit van de franchisegever zoals bedoeld in deze overeenkomst en/of de franchisenemer uit hoofde van deze overeenkomst, alles in de meest ruime zin des woords.
(…)
Bijlage 3 – Vergoedingen franchiseovereenkomst
(…)
f. op alle behaalde inkoopbonussen komt 1/3 deel ten gunste van de centrale organisatie. Deze vergoeding wordt per kwartaal verrekend.”
2.4.
In 2019 heeft [eisers] een autoschadeherstelbedijf in [vestigingsplaats 2] overgenomen. Dat bedrijf was ook ASN-franchisenemer, maar stond op de rand van faillissement. [eisers] heeft er een goed lopende onderneming van weten te maken. [eisers] heeft een nieuwe franchiseovereenkomst ondertekend voor de vestiging in [vestigingsplaats 2] . De bepalingen daarvan zijn gelijk aan die van de vestiging in [vestigingsplaats 1] .
2.5.
In 2021 is tussen partijen een conflict ontstaan over bonussen die [eisers] volgens ASN onterecht had ontvangen. Omdat ASN collectief grote hoeveelheden producten inkoopt voor de bij haar aangesloten autoschadeherstelbedrijven, betalen leveranciers haar bonussen. ASN houdt een derde van die bonussen zelf, en verdeelt de rest in gelijke delen onder haar franchisenemers. Het geschil is ontstaan omdat [eisers] ook rechtstreeks bonussen ontving van een lakleverancier. Partijen hebben dit geschil in november 2021 beëindigd met het ondertekenen van een vaststellingsovereenkomst (VSO). Kort gezegd werd daarin afgesproken dat [eisers] een kleine € 16.000,00 aan ASN zou betalen. In de VSO staat verder onder meer het volgende:
“Het lidmaatschap van [eisers] ten aanzien van haar locatie te [vestigingsplaats 1] wordt met 1 jaar en 10 maanden verlengd, en eindigt niet — om welke reden dan ook — vóór 1 november 2025.”
2.6.
Op 20 september 2021 heeft ASN alle franchisenemers geïnformeerd dat nieuwe franchiseovereenkomsten zouden worden gesloten. In een brief daarover aan al haar franchisenemers heeft ASN onder meer het volgende geschreven:
“De afgelopen maanden hebben de ASN Directie en het Franchisebestuur intensief samengewerkt om
te komen tot een nieuwe Franchiseovereenkomst (FROK). De directe aanleiding hiervoor was de
nieuwe Franchisewet die is ingevoerd per 1 januari 2021, omdat de eerder ingevoerde vrijwillige
franchisecode onvoldoende effect heeft gehad.
Er zal weinig gaan veranderen in de operationele gang van zaken. (…) Er moesten wel de nodige zaken geformaliseerd en verduidelijkt worden en diverse onderwerpen moesten worden verplaatst van het Franchisehandboek naar de FROK. Dit geeft een betere rechtsbescherming voor de Franchisenemer, omdat de FROK alleen in overleg met de Franchisenemers aangepast mag worden en het Franchisehandboek door alleen de Franchisegever mag worden aangepast. (…) Daarnaast hebben we in de Franchiseraad besloten om gelijk een aantal verouderde elementen in de FROK op te schonen en aan te passen naar huidige wetgeving en praktijk.
(…)
Tijdens een vergadering van de Franchiseraad op 17 juni 2021 hebben Bestuur en Directie unaniem
ingestemd met de definitieve versie van de FROK zodat de komende weken de nieuwe FROK in
gebruik zal worden genomen.
(…)
Hiermee bereiken we dat alle ASN ondernemers in de loop van 2022 het voordeel hebben dat zij
werken met de nieuwe FROK die volledig voldoet aan de eisen die worden gesteld vanuit de
Franchisewet. (…)”
2.7.
In de nieuwe FROK zijn de hiervoor onder 2.3. geciteerde bedingen als volgt gewijzigd:
“(…)
21.2
Franchisenemer verbindt zich gedurende de looptijd van deze overeenkomst, alsmede
gedurende één (1) jaar na einde daarvan, onmisbaar ter bescherming van de knowhow, geen bedrijfsactiviteiten, die concurrerend zijn met het bedrijf van franchisegever te zullen drijven of doen drijven, noch daarin direct of indirect en al of niet in dienstverband werkzaam te zijn of daarin op enigerlei andere wijze betrokken te zijn zonder vooraf gaande schriftelijke (per e-mail) toestemming van franchisegever, binnen het Rayon, zoals omschreven in artikel 2.3 van deze overeenkomst. Onder concurrerende activiteiten valt ook het aannemen van opdrachten van concurrerende ondernemingen of concurrerende netwerken; zoals, maar niet beperkt tot, universele schadeherstel netwerken, dealergebonden schadeherstel netwerken en (online) platforms actief in autoschade-
herstel. In het ASN Franchisehandboek is een nadere omschrijving gegeven van concurrerende activiteiten. Franchisenemer zet zich optimaal in voor de exploitatie van zijn ASN vestiging en zal geen nevenactiviteiten ondernemen c.q. ontplooien die strijdig (kunnen) zijn met zijn franchiseactiviteiten.
(…)
21.4
Het is franchisenemer, behoudens voorafgaande schriftelijke (per e-mail) toestemming
van franchisegever, verboden gedurende één (1) jaar na beëindiging uit welke hoofde ook van de onderhavige overeenkomst, met voormalige relaties/klanten direct of indirect, op welke wijze dan ook zaken te doen en/of onderhandelingen te voeren en/of een andere commerciële relatie te onderhouden. Onder voormalige relaties/klanten worden in dit verband verstaan klanten van de franchisegever en de overige franchisenemers die op het moment van beëindiging van deze overeenkomst één of meer producten afnemen of hebben afgenomen in de periode van twee (2) jaar daarvoor, voortvloeiende uit enige activiteit van de franchisegever zoals bedoeld in deze overeenkomst en/of de franchisenemer uit hoofde van deze overeenkomst, alles in de meest ruime zin
des woords.
(…)
Bijlage 2 – Vergoedingen franchiseovereenkomst
i. op alle behaalde inkoopbonussen komt 1/3 deel ten gunste van franchisegever.
Inkoopbonussen worden jaarlijks toegekend waarbij deze vergoeding door franchisegever pas na ontvangst aan franchisenemer wordt doorbetaald, eventueel onder verrekening van openstaande facturen zoals door franchisegever aan franchisenemer zijn verstrekt en/of eventueel onder verrekening van door franchisegever namens franchisenemer betaalde facturen aan toeleveranciers.
2.8.
[eisers] heeft de nieuwe FROK ondertekend voor beide vestigingen.
2.9.
Medio 2024 heeft [eisers] de nieuwe FROK voor beide vestigingen schriftelijk opgezegd tegen 31 oktober 2025 (“expiratiedatum 31 oktober 2025”). ASN heeft de ontvangst van de opzegging bevestigd bij brief van 8 augustus 2024.
2.10.
Op 10 februari 2025 heeft ASN een brief aan [eisers] gestuurd met als kenmerk “consequenties opzegging”. Deze brief bevat de volgende passages:
“Zoals bekend hebben jullie per 31 oktober 2025 de franchiseovereenkomst opgezegd. Jullie hebben
aangegeven de mogelijkheid open te houden om weer met ons in gesprek te gaan over het voortzetten van de franchiserelatie of het verkopen van jullie onderneming aan onze aandeelhouder. Tot op heden zien wij geen concrete ontwikkelingen ten aanzien van bovenstaande punten en daarom lijkt het ons goed om duidelijkheid te scheppen over een aantal gevolgen van de opzegging.
Het belangrijkste punt betreft wat ons betreft de vaststellingsovereenkomst die wij op 19 november 2021 met elkaar hebben afgesloten. Wij hebben met elkaar afgesproken dat deze alleen van toepassing is wanneer de franchiserelatie niet voor 1 november 2025, om welke reden dan ook, wordt beëindigd. Door de opzegging overtreden jullie deze voorwaarde, waardoor wij alle aan jullie betaalde bonussen over de betreffende jaren kunnen terugvorderen. Jullie zullen dit bedrag ongetwijfeld hebben uitgerekend, om een juiste afweging te maken om wel/niet door te gaan met ASN. Wij hebben de berekening nog niet gemaakt, maar dit zal gaan om een aanzienlijk, direct opeisbaar, bedrag. Aangezien jullie dit jaar ook geen jaarbonussen van ons ontvangen, omdat jullie niet het gehele jaar 2025 lid zijn van ons netwerk, is de financiële impact voor jullie groot en lijkt het ons goed om eerst de uitgangspunten van jullie terugbetaling met elkaar af te stemmen alvorens wij komen met een eindafrekening/-voorstel. Wij vernemen bijvoorbeeld graag of jullie het terug te vorderen bedrag in termijnen willen terugbetalen. Wanneer jullie dan bijvoorbeeld circa € 30.000 tot € 40.000 per maand betalen, dan schatten wij in dat jullie in ruim een jaar alles hebben terugbetaald. Is dit voor jullie haalbaar of lijkt jullie bijvoorbeeld een iets langere aflossingstermijn tegen een wat lager maandbedrag prettiger? Wij denken hierin graag met jullie mee.
(…)
Verder willen wij jullie wijzen op paragraaf 21.2 van de FROK, waarin staat opgenomen dat het onder andere niet is toegestaan om binnen 12 maanden na de opzegging aan te sluiten bij een concurrerend netwerk dan wel concurrerende bedrijfsactiviteiten te ondernemen, waaronder het direct/indirect uitvoeren van herstellingen voor centrale opdrachtgevers van ASN.
Het is onze plicht jullie als “goed franchisegever” op een juiste wijze te informeren. Deze brief is uiteraard niet van toepassing als de franchiseovereenkomst alsnog wordt verlengd of wanneer jullie de onderneming verkopen aan onze aandeelhouder. (…)”
2.11.
In het ASN Franchisehandboek, versie 12 november 2024, staat onder de “Regeling uittreding uit het ASN netwerk” onder nummer 21 de volgende bepaling:
“Binnen de bepalingen van de Franchiseovereenkomst kan een franchisenemer besluiten om het contract met ASN te beëindigen en daarmee uit het ASN netwerk te treden.
In dat geval zijn in het bijzonder onderstaande bepalingen van toepassing:
 Inkoopbonussen zijn altijd jaarbonussen die worden berekend over een volledig kalenderjaar.
Ontvangen inkoopbonussen vanuit centrale ASN contracten, die betrekking hebben op de ASN vestiging, worden uiterlijk een maand nadat ASN de gelden van de desbetreffende leverancier heeft ontvangen uitgekeerd aan de ASN vestiging. De gelden hebben altijd maximaal betrekking tot Beëindigingsdatum en zullen worden berekend over hele jaren die op het moment van Beëindigingsdatum volledig verstreken zijn. De Beëindigingsdatum is de datum dat het contract tussen ASN Groep en de franchisenemer is geëindigd.
  • Er is bij uittreding uit het ASN netwerk nooit sprake van terugbetaling van ingelegde bedragen in de volumebonus reserveringsvoorziening. Bij toetreding tot het ASN netwerk is er immers ook geen sprake geweest van het ‘inkopen’ in de (bestaande, door andere leden opgebouwde) reserveringsvoorziening.
  • (…)”
2.12.
In de eerdere versie van dit handboek, de versie van 4 september 2020, staat onder meer het volgende:
“(…)
De volgende regels zijn van toepassing:
• Het is franchisenemers niet toegestaan om gedurende het franchisecontract of tot één jaar na afloop van het franchisecontract overleg te voeren met centrale klanten over commerciële afspraken met betrekking tot schadeherstel.
• Het is franchisenemers tot één jaar na beëindiging van het franchisecontract dus ook niet toegestaan om direct of indirect, bijvoorbeeld middels aan franchisenemer gerelateerde partijen, schadeherstelwerkzaamheden uit te voeren voor een centrale klant.
• Het is franchisenemers niet toegestaan om na afloop van een contract met een centrale klant
direct of indirect, bijvoorbeeld middels aan franchisenemer gerelateerde partijen, schadeherstelwerkzaamheden uit te voeren voor een voormalige centrale klant.
2E REGELING CONCURRERENDE ACTIVITEITEN
Het is conform de bepalingen in de Franchiseovereenkomst niet toegestaan om activiteiten te
ondernemen welke concurrerend zijn met het bedrijf van franchisegever. Hieronder valt ook het
werken met concurrerende schadeherstel netwerken. In de praktijk echter kan het voorkomen dat op
incidentele basis werkzaamheden voor verricht voor een concurrerende schadeherstel netwerk. Om
hieraan tegemoet te komen geldt de volgende regeling:
• Werken voor een concurrerend schadeherstel netwerk wordt toegestaan indien dit nooit meer
dan 1 % van de netto jaaromzet van de vestiging betreft
• Er mag vanuit het concurrerende schadeherstel netwerk geen actieve communicatie plaatsvinden over de samenwerking met de ASN vestiging. Het is de verantwoordelijkheid van de franchisenemer om dit bij de concurrerende partij schriftelijk vast te leggen.
• De Franchiseraad bepaalt in voorkomende gevallen of sprake is van een concurrerend schadeherstel netwerk. Bepalend hierbij is of een concurrerend netwerk een positie heeft of wil opbouwen in het segment waarin ASN actief is. Specifiek:
o Alle universele schadeherstel netwerken (zoals Schadenet, ABS, AAS, AHG)
o Alle dealergebonden schadeherstel netwerken (zoals Stern Schadeherstel, [bedrijf 1] ,
Autoschadehuis, [bedrijf 2] )
o (Online) vergelijkingsplatforms (zoals Open Claims, Fixico)
Voor alle duidelijkheid: ter uitvoering en ondersteuning van bovengenoemde regeling geldt onder
meer het volgende:
• Het aanbieden van diensten door franchisenemers via een (online) platform, zoals een
(online) vergelijkingsplatform, is in het geheel niet toegestaan omdat dit niet past binnen het
franchisemodel van ASN Groep en afbreuk kan doen aan de goede werking ervan. (…)”

3.Het geschil

3.1.
[eisers] vordert, kort gezegd:
ten aanzien van de postcontractuele bepalingen
i)
primair
ASN te verbieden zich jegens haar te beroepen op het non-concurrentiebeding en het relatiebeding, op straffe van verbeurte een dwangsom;
subsidiair
de werking van het non-concurrentiebeding en het relatiebeding te schorsen totdat door de bodemrechter onherroepelijk is beslist over de rechtsgeldigheid van die bedingen;
ten aanzien van de bonussen
ii) ASN te veroordelen om € 90.000,00 aan [eisers] te betalen bij wijze van voorschot op de verschuldigde bonussen;
iii) ASN te bevelen om de bescheiden die nodig zijn om de hoogte van de bonussen vast te stellen, aan haar ter beschikking te stellen;
iv) een dwangsom te verbinden aan het bevel onder iii;
alsmede
ASN te veroordelen in de proceskosten, inclusief nakosten, en de rente over al die kosten.
3.2.
ASN voert verweer.
3.3.
Op de stellingen van partijen wordt hierna ingegaan, voor zover van belang.

4.De beoordeling

4.1.
Vooraf verdient opmerking dat het standpunt van ASN, dat [eisers] de afspraken uit de VSO heeft geschonden door op te zeggen vóór 1 november 2025, ongegrond is. De FROK is door [eisers] opgezegd met als expiratiedatum 31 oktober 2025. Dat betekent dat 31 oktober 2025 de datum is waarop de FROK zou aflopen. In gemoede is niet vol te houden dat de FROK hiermee vóór 1 november 2025 is beëindigd. Verder blijkt nergens uit dat partijen de bedoeling hadden om de FROK te verlengen tot na 1 november 2025, zoals ASN op de zitting heeft gesteld. Voorshands is dan ook niet aannemelijk dat ASN bonussen over het verleden terug kan vorderen, waarmee zij heeft gedreigd in de brief die is aangehaald onder 2.10.
De postcontractuele bedingen
4.2.
De vorderingen over de postcontractuele bedingen zijn in kort geding toewijsbaar als voorshands aannemelijk is dat de bodemrechter de vordering eveneens zal toewijzen en als van [eisers] niet kan worden gevergd dat zij de uitkomst van een bodemprocedure afwacht.
4.3.
Eerst zal worden ingegaan op de vraag of [eisers] kan worden gehouden aan het non-concurrentiebeding en het relatiebeding uit de nieuwe FROK. [eisers] zou zich graag willen aansluiten bij een ander netwerk, maar zij wil zeker weten of haar dat vrij staat.
Het non-concurrentiebeding
4.4.
Het aanvankelijke non-concurrentiebeding gold alleen tijdens de looptijd van de FROK. In de nieuwe FROK is bepaald dat het beding ook geldt gedurende een jaar na beëindiging van de FROK. De wijziging lijkt daarmee een aanmerkelijke verslechtering van de positie van de franchisenemers te vormen.
4.5.
ASN bestrijdt dat. Zij stelt dat de regels in de nieuwe FROK ook daarvóór al golden. Het enige dat volgens haar is gebeurd, is dat dat de regels van het handboek zijn verplaatst naar de FROK en dat de tekst in de FROK is aangepast naar de actualiteit (bijvoorbeeld voor het gebruik van binnen de organisatie gangbare termen).
4.6.
Dit verweer gaat niet op. Nergens in het ASN Franchisehandboek van 4 september 2020 staat dat het de franchisenemer gedurende een jaar na beëindiging van de relatie met ASN verboden is concurrerende werkzaamheden te verrichten. Daaraan is expliciet toegevoegd een verbod tot deelname aan een concurrerend schadeherstel netwerk. Het had dan ook op de weg van ASN gelegen om de franchisenemers tijdig te informeren over deze wijziging, en wel op zodanige wijze dat die konden bepalen of en in hoeverre het nodig was om hun bedrijfsvoering aan te passen of feitelijke maatregelen te treffen (artikelen 7:916 en 7:917 Burgerlijk Wetboek). Dat is niet gebeurd. ASN heeft volstaan met het bespreken van de voorgenomen wijzigingen in de franchiseraad. Dat is een overleg tussen de directie van ASN en het bestuur van de franchisevereniging, waarvan alle franchisenemers lid zijn. ASN stelt zich op het standpunt dat zij ervan mocht uitgaan dat het bestuur van de franchisevereniging de franchisenemers verder zou informeren, omdat die verantwoordelijkheid in het handboek primair bij het bestuur van de vereniging is belegd. Zij stelt dat de informatie door het bestuur van de vereniging ook daadwerkelijk is verspreid onder de franchisenemers. Dat is voorshands echter niet aannemelijk. Uit de overgelegde stukken blijkt alleen dat het punt van de nieuwe FROK is geagendeerd op de algemene ledenvergadering van 8 oktober 2021. Nergens blijkt uit dat de aanpassing van het non-concurrentiebeding op die vergadering uitdrukkelijk aan de orde is geweest. Volgens [eisers] , die op de vergadering aanwezig was, is dat niet gebeurd. Hoe dan ook is voorshands aannemelijk dat ASN niet heeft voldaan aan haar informatieplicht jegens [eisers] . Bij een zo ingrijpende wijziging mocht van ASN worden verwacht dat zij haar franchisenemers daarover rechtstreeks en in niet mis te verstane bewoordingen zou informeren. Dat had ook eenvoudig gekund, bijvoorbeeld in de brief die onder 2.7 is genoemd. Voorshands is dan ook aannemelijk dat [eisers] niet aan het non-concurrentiebeding uit de nieuwe FROK is gebonden.
Het relatiebeding
4.7.
Waar het relatiebeding onder de oude FROK inhield dat de franchisenemer gedurende één jaar na beëindiging van de FROK geen voormalige leveranciers en/of relaties/klanten van ASN mocht benaderen, is het hem onder de nieuwe FROK verboden om met voormalige relaties/klanten direct of indirect, op welke wijze dan ook zaken te doen en/of onderhandelingen te voeren en/of een andere commerciële relatie te onderhouden. [eisers] stelt dat haar positie door deze wijziging is verslechterd, omdat onder de oude FROK de franchisenemers alleen geen initiatief mochten nemen richting de relaties van ASN, terwijl onder de nieuwe FROK ook niet mag worden gewerkt met of voor relaties als die het initiatief nemen. Zij leidt dat af uit het gebruik van het woord “benaderen” in de oude FROK.
4.8.
Deze stelling gaat niet op. Ook vóór de nieuwe FROK was het de franchisenemers op grond van de regels in het handboek verboden om overleg te voeren met (voormalige) centrale klanten over commerciële afspraken aangaande schadeherstel, of om schadeherstelwerkzaamheden voor hen uit te voeren. Het woord “benaderen” uit de oude FROK dekt de lading dus niet goed, gezien de inhoud van het handboek.
4.9.
Het relatiebeding is aan te merken als een beding dat de franchisenemer beperkt in zijn bevoegdheid om na het einde van de franchiseovereenkomst op zekere wijze werkzaam te zijn. Dergelijke bedingen zijn slechts geldig als aan een aantal voorwaarden is voldaan (artikel 7:920 lid 2 BW). Een van die voorwaarden is dat de beperking onmisbaar is om de door de franchisegever aan de franchisenemer overgedragen knowhow te beschermen. [eisers] stelt dat aan deze voorwaarde niet is voldaan. ASN bestrijdt dat, maar ze heeft op de zitting niet duidelijk kunnen maken welke know how beschermenswaardig is. Ten tijde van de oude FROK gold nog geen postcontractueel concurrentieverbod. Gesteld noch gebleken is dat er sindsdien nieuwe know how is ontstaan. Daarmee is voorshands evenmin aannemelijk dat [eisers] kan worden gehouden aan het relatiebeding uit de nieuwe FROK.
4.10.
Voor zover de vorderingen zijn gericht op de postcontractuele bedingen, zijn die dan ook toewijsbaar. Ter voorkoming van dwangsomgeschillen, zullen – zoals subsidiair is gevorderd – het non-concurrentiebeding en het relatiebeding uit de nieuwe FROK worden geschorst, totdat in een bodemprocedure in eerste aanleg is beslist over de rechtsgeldigheid van deze bedingen. Met die voorziening wordt voldoende recht gedaan aan de belangen van [eisers] . De vordering om de bedingen de schorsen totdat onherroepelijk door de bodemrechter is beslist, zal dan ook worden afgewezen.
De bonussen
4.11.
De gevorderde voorziening strekt tot betaling van een geldsom. Voor toewijzing van een dergelijke vordering is in kort geding slechts plaats, als het bestaan en de omvang van de vordering voldoende aannemelijk zijn en uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening vereist is.
4.12.
Tussen partijen is in geschil of de franchisenemer alleen recht op een bonus heeft als hij het hele kalenderjaar bij ASN aangesloten is geweest, zoals ASN stelt, of dat hij recht heeft op een pro rata aandeel over dat jaar, zoals [eisers] stelt.
4.13.
De oude FROK is heel summier over de inkoopbonussen. Daarin staat alleen dat 1/3
deel van die bonussen ten gunste van de centrale organisatie komt, en dat de vergoeding per
kwartaal wordt berekend. Voor het eerst – althans in de overgelegde stukken – in de nieuwe FROK wordt bepaald dat de inkoopbonussen worden berekend over een volledig kalenderjaar.
4.14.
Onduidelijk is of deze regel eerder ook al gold op grond van het handboek, of dat het gaat om nieuwe regel. Het relevante deel uit het oude handboek is namelijk niet overgelegd. Indien het gaat om een nieuwe regel, geldt hetgeen hiervoor in het kader van het non-concurrentiebeding al is overwogen.
4.15.
Als het echter gaat om een oude regel die ook al in het handboek stond, valt voorshands niet in te zien waarom [eisers] daaraan niet gebonden zou zijn. Dat in de praktijk wel van de regel werd afgeweken, is daarvoor onvoldoende, gezien de verklaring van ASN dat zij soms soepel omgaat met het begrip ‘kalenderjaar’, in het voordeel van de franchisenemer, bijvoorbeeld bij het toetreden van nieuwe franchisenemers. Mogelijk zou voor het oordeel ook relevant kunnen zijn of ASN verplicht is om niet-uitgekeerde bonussen terug te betalen aan haar leveranciers, zoals zij stelt. Dat wordt betwist door [eisers] , maar feitelijke informatie waaruit het een of het ander blijkt, is niet overgelegd. Voor het antwoord op de vraag of [eisers] recht heeft op bonussen over 2025, is al met al nader onderzoek naar de feiten nodig, waarvoor in kort geding geen ruimte is. Omdat het bestaan en de omvang van de vordering voorshands niet aannemelijk is, zal de geldvordering worden afgewezen.
4.16.
Zolang niet duidelijk is dat [eisers] recht heeft op bonussen over 2025, heeft zij geen rechtens te respecteren belang bij afgifte van stukken die nodig zijn voor de berekening van de omvang van de bonus. Ook deze vordering zal worden afgewezen.
4.17.
ASN is overwegend in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. Omdat de geldvordering, die tot een hoger griffierechttarief heeft geleid, is afgewezen, zal ASN het tarief voor een zaak met een belang van onbepaalde waarde moeten vergoeden. De proceskosten van [eisers] die voor vergoeding in aanmerking komen, worden begroot op:
- griffierecht
714,00
- salaris advocaat
1.107,00
- nakosten
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.999,00

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1.
schorst de werking van het concurrentie- en relatiebeding (neergelegd in artikelen 21.2 en 21.4 van de (nieuwe) FROK) totdat in een bodemprocedure is beslist over de geldigheid van deze bedingen,
5.2.
veroordeelt ASN in de proceskosten van € 1.999,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als ASN niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
5.4.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. T.H. van Voorst Vader, bijgestaan door mr. E. van Bennekom, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 12 november 2025.
Coll: MV