Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[handelsnaam] ,
1.Het verloop van de Procedure
- de conclusie van antwoord met producties;
- het instructievonnis van 11 juli 2025, waarbij een mondelinge behandeling is bepaald;
- de dagbepaling mondelinge behandeling.
2.De feiten
rekenmethodiek lopen wij t/m eind april (verwachte leverdatum) € 50.051,- aan huur achter. Die achterstand zullen wij direct na akkoord op dit bedrag voldoen (morgen) onder verrekening van punt 2;
. Ik heb je mail gelezen en denk dat we elkaar in het midden kunnen vinden ervan uitgaande dat we eind april of eerste week van mei passeren. (…) Er van uitgaande dat de bedragen zijn ontvangen (maar bij ons niet goed zijn geregistreerd), dan ben ik akkoord met jullie berekening en wil graag de offerte van de pui nog ontvangen. (…)”
3.Het geschil
4.De beoordeling
nietde bedoeling was van LCV om de waarborgsom prijs te geven. Het voorgaande geldt te meer, nu KIT na levering van het pand drie e-mailberichten heeft gestuurd aan LCV, waarbij zij in twee daarvan expliciet refereert aan algehele finale kwijting ten aanzien van de huurovereenkomst, en LCV daarna het overeengekomen bedrag heeft overgemaakt. KIT heeft daardoor gerechtvaardigd erop mogen vertrouwen dat het ook de bedoeling van LCV was om op deze manier de gehele huurovereenkomst af te wikkelen. Als dat niet de bedoeling van LCV was, had het in elk geval alvorens te betalen, op haar weg gelegen te reageren op de e-mailberichten van KIT en de verwachtingen van KIT over de door haar verleende finale kwijting bij te stellen. Dat heeft zij niet gedaan.