ECLI:NL:RBAMS:2025:8078

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
10 oktober 2025
Publicatiedatum
29 oktober 2025
Zaaknummer
776002 / FA RK 25.7229
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • A.E. van Montfrans
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 24 WzdArt. 26 Wzd
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf wegens psychogeriatrische aandoening

De rechtbank Amsterdam heeft op 10 oktober 2025 een machtiging verleend tot opname en verblijf van betrokkene, geboren in 1940, wegens een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene lijdt aan een neurocognitieve stoornis met gebrek aan ziekte-inzicht, wat leidt tot ernstig nadeel zoals lichamelijk letsel, verwaarlozing, financiële schade en veiligheidsrisico's.

Tijdens de zitting werden betrokkene, zijn dochter, partner, specialist ouderengeneeskunde, bewindvoerder en verpleegkundige gehoord. Uit de stukken en het verhandelde bleek dat betrokkene 24-uurs zorg nodig heeft die thuis niet geboden kan worden, mede omdat zijn partner zelf kwetsbaar is en betrokkene geen ziekte-inzicht heeft.

De rechtbank oordeelde dat opname in een gespecialiseerde zorginstelling noodzakelijk en geschikt is om het ernstig nadeel te voorkomen. Minder ingrijpende maatregelen zijn niet mogelijk. Hoewel betrokkene zich verzet tegen opname, is voldaan aan de wettelijke criteria voor verlening van de machtiging. De machtiging geldt voor twaalf maanden tot 10 oktober 2026.

Uitkomst: Machtiging tot opname en verblijf verleend voor twaalf maanden wegens noodzaak van gespecialiseerde zorg.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/776002 FA RK 25-7229
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf ex. artikel 26 Wzd Pro voor betrokkene die op
grond van een rechterlijke machtiging in een accommodatie verblijft
Beschikking van 10 oktober 2025naar aanleiding van het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging voor de duur van twaalf maanden als bedoeld in artikel 24 e.v. van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren [geboortedatum] 1940,
wonende en verblijvende te Cordaan, locatie [locatie]
,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. S.W.A.M. Henselmans.

1.Procesverloop

1.1.
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 23 september 2025.
1.2
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 10 oktober 2025 te [locatie] . De volgende personen zijn door de rechtbank gehoord:
- betrokkene bijgestaan door zijn advocaat;
- dochter betrokkene, [naam dochter] ;
- partner betrokkene;
- specialist ouderengeneeskunde, dhr. [naam 1] ;
- bewindvoerder, [naam 2] ;
- verpleegkundige mw. [naam 3] .

2.Beoordeling

2.1
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten een neurocognitieve stoornis met gebrek aan ziekte-inzicht en daardoor ook een gebrek aan overzicht. Geheugenstoornissen staan niet op de voorgrond.
2.2
Deze psychogeriatrische aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit ernstig nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige verwaarlozing en/of maatschappelijke teloorgang;
- ernstige financiële schade;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene, al dan niet doordat hij onder invloed van
een ander raakt.
2.3
Er is sprake van lichamelijke achteruitgang, oriëntatiestoornissen, verlies van inzicht en overzicht en verwardheid. Dit alles zorg er voor dat betrokkene niet in staat is op adequate wijze voor zichzelf te zorgen. Hij heeft op geplande als ongeplande momenten 24-uurs zorg nodig bij de dagelijkse activiteiten en handelingen. Er moet toezicht zijn op het innemen van essentiële medicatie
(bloedverdunners na hersen- en hartinfarct), persoonlijke verzorging en het structureren en invullen van de dag. Deze 24-uurs zorg kan thuis niet geboden worden. De partner van betrokkene is zelf een kwetsbare vrouw en het is onmogelijk dat zij deze 24- uurs zorg kan dragen. Daar komt bij dat betrokkene denkt geen zorg nodig te hebben. Hij heeft geen ziekte-inzicht en overschat zijn eigen mogelijkheden.
2.4
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verblijft nu op een afdeling waar specialistische hulp geboden wordt voor ouderen met cognitieve stoornissen en waar aan zijn specifieke zorgbehoeften voldaan kan worden.
2.5
Er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene heeft 24-uurs zorg en toezicht nodig, waardoor hij is aangewezen op verpleeghuiszorg. Zelfstandig thuis wonen is geen optie meer. De rechtbank gaat derhalve niet mee in het pleidooi van de advocaat die namens betrokkene heeft bepleit om het verzoek af te wijzen zodat betrokkene met hulp van zijn vriendin en de thuiszorg de kans krijgt om weer thuis te kunnen wonen.
2.6
Gebleken is dat betrokkene zich verzet tegen de opname en het verblijf (artikel 24 lid Pro 1). Tijdens de zitting heeft betrokkene aan de rechtbank kenbaar gemaakt dat hij zich opgesloten voelt in het verpleeghuis en zich vaak als een kind behandeld voelt. Hij voelt zich niet thuis in deze omgeving en is anders gewend. De dochter van betrokkene deelt mee dat er gezocht wordt naar een ander verpleeghuis waar haar vader zich wellicht meer thuis voelt. Gedacht wordt aan verpleeghuis [naam zorginstelling] voor ouderen die zich verbonden voelen met de Indische en Molukse cultuur.
2.7
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlening van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in de Wzd. De machtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van twaalf maanden, en geldt dus tot 10 oktober 2026.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf ten aanzien van [betrokkene] ,
geboren [geboortedatum] 1940,
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 10 oktober 2026.
Deze beschikking is op 10 oktober 2025 mondeling gegeven door mr. A.E. van Montfrans, rechter en in het openbaar uitgesproken bijgestaan door M.E. Langewisch als griffier, en op 13 oktober 2025 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.