Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie van 13 juni 2025 met producties;
3.De feiten
‘muscle cars’. [eiser] heeft begin augustus 2024 bij Carway een auto van het merk Ford (hierna: de Ford) gekocht. Carway zou daarbij ook een back flip en kabelset met DC-unit leveren. [eiser] heeft zijn eigen auto van het merk Tesla (hierna: de Tesla) in dezelfde periode bij Carway ingeruild voor een bedrag van € 88.000,-.
4.Het geschil
- hoofdsom 1: gevolgschade derving subsidie € 5.000,-
- hoofdsom 2: vervangende schadevergoeding back flip € 1.652,-
- hoofdsom 3: vervangende schadevergoeding DC-laadstation € 6.975,-
- buitengerechtelijke kosten € 911,27
- wettelijke rente over hoofdsom 1 en 2 vanaf 22 februari 2025 € 52,49 + P.M.
- wettelijke rente over hoofdsom 3 vanaf 26 maart 2025 € 18,34 + P.M.
5.De beoordeling
€ 6.975,- wordt afgewezen, omdat niet is gebleken dat partijen hebben afgesproken dat Carway een DC-laadstation aan [eiser] zou leveren. [eiser] stelt weliswaar dat Carway dit zou doen, maar heeft dat tegenover de gemotiveerde betwisting van Carway onvoldoende onderbouwd. De kantonrechter acht hiervoor van belang dat op de factuur van Carway
‘kabelset incl. DC unit’staat, niet ‘
DC laadstation’.Ook past de prijs op de factuur van Carway niet bij een DC laadstation. De prijs op de factuur van Carway voor de kabelset inclusief DC unit is namelijk € 1.073,55, terwijl een DC laadstation volgens opgave van [eiser] € 6.975,- bedraagt. De kantonrechter leidt hieruit af dat [eiser] en Carway niet zijn overeengekomen dat Carway ook een DC laadstation zou leveren. Het feit dat dit laadstation niet is geleverd, is daarmee geen tekortkoming aan de kant van Carway. De vordering tot schadevergoeding wordt dan ook afgewezen.
‘zwemmers’) koopt, omdat deze heel moeilijk zijn door te verkopen en altijd gedoe geven. Carway heeft voorafgaand aan de koop nog uitdrukkelijk aan [eiser] gevraagd of er schade is geweest en of er iets is wat Carway over de Tesla moet weten, maar [eiser] heeft toen niets gezegd. [eiser] heeft op de zitting uitgelegd dat de achterzijde van de Tesla een keer nat is geworden bij het achteruitrijdend te water laten van een boot, waarna kortsluiting in de motor is ontstaan. De schade is daarna volledig en deugdelijk hersteld door Tesla, zonder gevolgen voor de garantie, waardoor hij zich naar eigen zeggen niet heeft gerealiseerd dat dit incident van belang kon zijn om aan Carway te vertellen. Naar het oordeel van de kantonrechter had [eiser] Carway echter wel over de waterschade moeten informeren, omdat deze aan de buitenkant niet zichtbaar was en alleen hij als eigenaar toegang had tot het digitale systeem van Tesla waarin het schadeverleden zichtbaar was. [eiser] beschikte daarmee over kennis over het schadeverleden en had deze informatie uit eigen beweging aan Carway moeten melden, zodat Carway kon beslissen de koop wel of niet door te zetten. De kantonrechter volgt [eiser] dus niet in zijn verweer dat hij niet wist of behoefde te weten dat het schadeverleden van de Tesla voor Carway relevant zou kunnen zijn voor haar aankoopbeslissing. Het voorgaande brengt mee dat de koopovereenkomst voor de Tesla op grond van artikel 6:228 lid 1 sub b BW vernietigbaar is wegens dwaling.
€ 22.000,- heeft doorverkocht, maar dat wordt aangenomen dat de waarde van de Tesla in de tussentijd ook door andere redenen is gedaald. Zoals [eiser] terecht heeft aangevoerd, hebben de publieke optredens van de heer [naam 2] , de [naam functie] van Tesla, in de periode van doorverkoop een negatief effect gehad op de waarde. Verder is van belang dat de waarde van elektrische auto’s in het algemeen relatief snel vermindert. [eiser] heeft op de zitting verklaard dat hij in anderhalf jaar tijd € 60.000,- op de Tesla heeft afgeschreven, wat het voorgaande bevestigt. De kantonrechter schat het nadeel van Carway om de hiervoor genoemde redenen op € 15.000,-. [eiser] zal dit bedrag dus aan Carway moeten betalen.