ECLI:NL:RBAMS:2025:741
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Huurder moet medewerking verlenen aan redelijke renovatie en dringende werkzaamheden
De huurder [eiseres] huurt sinds 1981 een sociale huurwoning van Vesteda en verzet zich tegen een grootschalig renovatievoorstel dat het wooncomplex energiezuiniger en duurzamer maakt. Het voorstel omvat onder meer het wijzigen van de woningindeling, het plaatsen van nieuwe installaties en een huurverhoging van €25,00 per maand. De huurder stelt dat de renovatie onredelijk is vanwege het monumentale karakter van het pand, verminderd woongenot, gezondheidszorgen en financiële lasten.
Vesteda heeft meer dan 70% van de huurders die instemden met het voorstel, waardoor het voorstel vermoedelijk redelijk is. De kantonrechter oordeelt dat de huurder het vermoeden van redelijkheid niet heeft weerlegd. De bezwaren zijn onvoldoende om het voorstel onredelijk te achten, mede gezien de beperkte huurverhoging, de daling van servicekosten, en de aangeboden wisselwoningen met verhuiskostenvergoeding.
De kantonrechter wijst de vorderingen van de huurder af en veroordeelt haar in de proceskosten. Ook wijst de kantonrechter de vorderingen van Vesteda af, omdat de huurder ter zitting heeft toegezegd medewerking te verlenen aan de werkzaamheden en de woning te verlaten indien nodig.
Uitkomst: De vorderingen van de huurder worden afgewezen en zij moet medewerking verlenen aan de renovatie.