Op 7 mei 2025 heeft de FIOD onder toezicht van de assisterende gedelegeerd Europees aanklager doorzoekingen verricht in bedrijfspanden en een privéadres, waarbij digitale administratie en gegevensdragers zijn in beslag genomen op grond van een grensoverschrijdende onderzoeksmaatregel van het Europees Openbaar Ministerie uit Portugal. Klaagster heeft beklag ingediend tegen deze inbeslagname, stellende dat er geen machtiging voor haar was en dat stukken onder het verschoningsrecht onrechtmatig zijn meegenomen.
De rechtbank heeft in openbare raadkamer de standpunten van klaagster en het Europees Openbaar Ministerie gehoord. De rechtbank oordeelt dat de inbeslagname rechtmatig is en dat de Nederlandse rechter bevoegd is om over het beklag te oordelen, mede gelet op het arrest van het Hof van Justitie van de EU van 21 december 2023. Het verzoek van klaagster om inzage in de onderzoeksmaatregel wordt afgewezen vanwege het vertrouwelijk karakter.
De rechtbank stelt vast dat de filtering van inbeslaggenomen gegevensdragers op verschoningsgerechtigde informatie onderdeel is van de tenuitvoerlegging van de onderzoeksmaatregel en dat de rechter-commissaris hierover zal beslissen. Omdat deze beslissing nog niet is genomen, acht de rechtbank het beroep op het verschoningsrecht prematuur en schorst zij de procedure, stelt de stukken in handen van de rechter-commissaris en heropent het onderzoek in raadkamer.