Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
onmiddellijkdreigend gevaar voor een aanranding. [slachtoffer] liep immers naar buiten. Dan kan een beroep op noodweer niet slagen (zie HR 30 maart 1976, ECLI:NL:HR:1976:AB6419).
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop de schade is ontstaan.
,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop de schade is ontstaan. De vordering zal voor het overige worden afgewezen.
,vermeerderd met de wettelijke rente. Voor de affectieschade geldt dat de wettelijke rente verschuldigd is vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. Voor de kosten van de uitvaart geldt dat niet uit de vordering volgt wanneer die kosten zouden zijn betaald. Daarom is de wettelijke rente over dat deel van de vordering verschuldigd vanaf het moment van indiening van de vordering. De vordering zal voor het overige worden afgewezen.
,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop de schade is ontstaan. De benadeelde partij zal voor het overige niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vordering en kan dit deel van de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
7 jaren.