Deze uitspraak betreft een bestuurlijke boete die de burgemeester van Amsterdam heeft opgelegd aan eiseres, een winkelier, wegens een overtreding van de Alcoholwet. Eiseres is het niet eens met de opgelegde boete van € 1.565,- en heeft beroep ingesteld. De rechtbank beoordeelt of de burgemeester terecht een overtreding heeft vastgesteld en of de boete terecht is opgelegd. De rechtbank concludeert dat het rapport van bevindingen van de toezichthouder voldoende duidelijk is en dat er inderdaad sprake is van een overtreding. Eiseres heeft zwak-alcoholhoudende dranken in haar winkel verkocht, wat in strijd is met de Alcoholwet. De rechtbank oordeelt dat de winkel van eiseres niet onder de uitzonderingsbepalingen van artikel 18 van de Alcoholwet valt, omdat de winkel niet in overwegende mate levensmiddelen verkoopt. De rechtbank wijst het beroep van eiseres af, waardoor de boete gehandhaafd blijft. Eiseres krijgt geen gelijk en het beroep is ongegrond. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de boete.