Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Vrijspraak
4.Beslissing
het ten laste gelegde niet bewezenen
spreekt verdachte daarvan vrij.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen een 35-jarige man die werd verdacht van mensensmokkel door het vervoeren van prostituees die onrechtmatig in Nederland verbleven. De tenlastelegging betrof de periode van juli 2022 tot januari 2023 en omvatte het medeplegen van het uit winstbejag behulpzaam zijn bij het verschaffen van verblijf aan deze vrouwen.
Het Openbaar Ministerie stelde dat verdachte wist van het onrechtmatige verblijf, mede gebaseerd op verklaringen van een van de slachtoffers en politieonderzoeken naar telefoongebruik en betrokkenheid bij een Whatsapp-groep. De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was, dat verklaringen onbetrouwbaar waren en dat niet kon worden bewezen dat verdachte wetenschap had van de onrechtmatigheid.
De rechtbank oordeelde dat hoewel verdachte betrokken was bij het vervoer van de vrouwen, onvoldoende is komen vast te staan dat hij wist of ernstige reden had om te vermoeden dat hun verblijf wederrechtelijk was. Het enkele vervoeren van prostituees zonder geldige verblijfstatus naar hotels of appartementen is onvoldoende om wetenschap aan te nemen. Ook de politiebevindingen en deelname aan een Whatsapp-groep boden geen bewijs van wetenschap.
Daarom sprak de rechtbank verdachte integraal vrij van het ten laste gelegde mensensmokkel. Het vonnis werd uitgesproken op 23 juli 2025 door een meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van wetenschap van het wederrechtelijk verblijf van de vervoerde vrouwen.