ECLI:NL:RBAMS:2025:5079
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omzetting voorlopige aanhouding in aanhouding bij overleveringsverzoek VK
De rechtbank Amsterdam behandelde een verzoek tot omzetting van een voorlopige aanhouding in een aanhouding van een opgeëiste persoon op grond van een overleveringsverzoek van het Verenigd Koninkrijk. De opgeëiste persoon was op 28 mei 2025 voorlopig aangehouden op basis van artikel 3 lid 1 Uitvoeringswet Pro Handels- en Samenwerkingsovereenkomst EU-VK Justitie en Veiligheid juncto artikel 17 Overleveringswet Pro.
De officier van justitie vorderde omzetting van de voorlopige aanhouding in een aanhouding op basis van een arrestatiebevel gedateerd 9 mei 2025. De rechtbank stelde echter vast dat dit arrestatiebevel reeds vóór de voorlopige aanhouding was ontvangen en voldeed aan de wettelijke vereisten.
Hierdoor kon de voorlopige aanhouding niet op grond van artikel 3 lid 1 Uitvoeringswet Pro EU-VK juncto artikel 17 OLW Pro worden verricht. De rechtbank oordeelde daarom dat de vordering tot omzetting van de voorlopige aanhouding in een aanhouding moet worden afgewezen.
De beslissing werd genomen op 6 juni 2025 door rechter A.R.P.J. Davids, in aanwezigheid van griffier M.C.G. Kroon.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot omzetting van voorlopige aanhouding in aanhouding af omdat het arrestatiebevel al vóór de voorlopige aanhouding was ontvangen.