ECLI:NL:RBAMS:2025:4801
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vervangende toestemming voor zomervakantieverdeling bij gezamenlijk gezag
De zaak betreft een geschil tussen ouders met gezamenlijk gezag over hun 12-jarige kind over de verdeling van de zomervakantie. De moeder verzocht om toestemming voor een vier weken durende vakantie naar Marokko, terwijl de vader instemde met drie weken en daarnaast een vakantie naar Dubai wilde plannen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het belang van het kind centraal staat en dat een gelijke verdeling van de vakantieperiode gebruikelijk is. Er waren geen omstandigheden die tegen een gelijke verdeling spraken. De moeder kreeg vervangende toestemming voor drie weken vakantie, waarna het kind aan de vader moet worden overgedragen. De vader kreeg toestemming voor zijn vakantieperiode in augustus.
De kosten van de procedure werden gecompenseerd en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard. De voorzieningenrechter benadrukte het belang van overleg tussen ouders zonder het kind te betrekken in de communicatie.
Uitkomst: Vervangende toestemming verleend voor gelijke verdeling van de zomervakantie tussen ouders met gezamenlijk gezag.