De rechtbank Amsterdam heeft op 26 juni 2025 uitspraak gedaan over een vordering tot in behandeling neming van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door het Landgericht Potsdam in Duitsland. De opgeëiste persoon, geboren in Syrië en woonachtig in Nederland sinds 2015, werd verdacht van ernstige strafbare feiten waaronder ontvoering, gijzeling, racketeering, afpersing en mishandeling.
Tijdens de zitting van 12 juni 2025 verscheen de opgeëiste persoon, bijgestaan door zijn raadsman. De rechtbank verlengde de beslistermijn en schorste de gevangenhouding tot uitspraak. De feiten zijn deels lijstfeiten waarvoor dubbele strafbaarheid niet hoeft te worden getoetst, en deels mishandeling waarvoor dubbele strafbaarheid wel vereist is, welke aan de voorwaarden voldoet.
De opgeëiste persoon heeft de Nederlandse nationaliteit en beroept zich op de garantie dat een opgelegde straf in Nederland kan worden uitgevoerd. Duitsland heeft deze garantie gegeven conform het Kaderbesluit 2008/909/JBZ. De rechtbank concludeert dat het EAB voldoet aan de wettelijke eisen en dat geen weigeringsgronden aanwezig zijn, waardoor de overlevering wordt toegestaan.
De uitspraak is gedaan door de voorzitter en twee rechters in aanwezigheid van de griffier en is onherroepelijk. Er is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk tegen deze beslissing.