ECLI:NL:RBAMS:2025:3527

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
13 mei 2025
Publicatiedatum
28 mei 2025
Zaaknummer
13-110962-25
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14 OLWArt. 8 Kaderbesluit 2002/584/JBZ
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming voor tenuitvoerlegging straf na eerdere overlevering aan Duitsland

De Rechtbank Amsterdam heeft op 13 mei 2025 een verzoek van de Arrondissementsrechtbank Aken, Duitsland, behandeld dat betrekking had op de aanvullende toestemming voor de tenuitvoerlegging van een straf opgelegd voor feiten die zijn gepleegd vóór het tijdstip van overlevering van de betrokkene aan Duitsland.

De betrokkene, geboren in Duitsland in 1981 en zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, was reeds overgeleverd aan Duitsland. Het verzoek tot toestemming voor tenuitvoerlegging van de straf werd ingediend op grond van artikel 14 van Pro de Overleveringswet (OLW).

Na beoordeling van de stukken en met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging, oordeelde de rechtbank dat het verzoek toewijsbaar was omdat de feiten waarvoor de straf was opgelegd, onder de reikwijdte van de OLW vielen.

De rechtbank verleende daarom toestemming voor de tenuitvoerlegging van de straf zoals verzocht, conform artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, en derde lid, OLW.

Uitkomst: Toestemming verleend voor tenuitvoerlegging van straf voor feiten gepleegd vóór overlevering.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-110962-25
Datum beslissing: 13 mei 2025
BESLISSING
op de vordering ex artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 15 april 2025, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor de tenuitvoerlegging van een straf die is opgelegd voor feiten die vóór het tijdstip van de overlevering zijn begaan en waarvoor de betrokkene niet is overgeleverd, als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, OLW. Dit verzoek is ingediend door de Arrondissementsrechtbank Aken, Duitsland, op 6 februari 2025 en betreft:
[overgeleverde persoon] ,
geboren in [geboorteplaats] (Duitsland) op [geboortedag] 1981,
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
gedetineerd in [land] ,
hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1.Beoordeling

Het verzoek bevat de gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. De voorhanden zijnde stukken zijn toereikend om - met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging van de overgeleverde persoon - een beslissing te nemen.
Het verzoek betreft feiten ten aanzien waarvan krachtens de OLW overlevering had kunnen worden toegestaan.
De rechtbank zal daarom het verzoek toewijzen.

2.Beslissing

De rechtbank:
verleent op grond van artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, en derde lid, OLW toestemming voor de tenuitvoerlegging van de straf van
[overgeleverde persoon]voor de feiten zoals vermeld in het verzoek.
Deze beslissing is genomen op 13 mei 2025 door
mr. A.K. Glerum, voorzitter,
mrs. H.H.J. Zevenhuijzen en E. Biçer, rechters,
in tegenwoordigheid van mrs. F.K. Verbruggen en A.T.P. van Munster, griffiers,