In deze civiele procedure tussen ERES NL II - D B.V. als eiseres en een consument als gedaagde, heeft de kantonrechter ambtshalve de huurovereenkomst en algemene voorwaarden getoetst aan het consumentenrecht, met name de Richtlijn oneerlijke bedingen. De procedure verliep verstek wegens niet verschijnen van gedaagde.
De kantonrechter oordeelt dat het huurprijsindexatiebeding conform de CPI niet oneerlijk is, maar het opslagbeding van maximaal 5% bovenop de CPI wel. Dit opslagbeding verstoort het evenwicht tussen partijen aanzienlijk en is niet voorzienbaar voor de consument. De Hoge Raad heeft eerder geoordeeld dat een opslag van 3% niet oneerlijk is, maar een hoger percentage wel.
Daarnaast zijn ook het incassokostenbeding en het boetebeding in de algemene voorwaarden en huurovereenkomst onredelijk en oneerlijk, omdat zij de consument verplichten buitengerechtelijke kosten te betalen die hoger kunnen zijn dan wettelijk toegestaan en een disproportionele boete opleggen bij niet tijdige betaling.
De kantonrechter is voornemens deze bedingen te vernietigen en geeft eiseres de gelegenheid zich schriftelijk uit te laten over dit voornemen en de gevolgen voor haar vordering. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor nadere behandeling.