Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
2.De feiten
Equity Incentive).
ter bevestiging (en ivm het creeeren van een paper trail voor evt audit purposes) hierbij een email dat je met [verzoeker][ [verzoeker] , rechtbank]
besproken hebt dat in deze maand (Juni 2022) geen salaris aan hem betaald zal worden. Wij wachten verdere instructies af rond de administratieve verwerking van afspraken die jullie maken ten aanzien van zijn werkzaamheden als CEO van [verweerder] .”
Equity Incentive. Op 4 juli 2022 laat [verzoeker] in reactie weten dat hij een voorstel zal doen.
Zoals zojuist telefonisch aangekondigd. We zijn nog bezig de juiste verloningsstructuur voor [verzoeker] te bepalen. In afwachting van de uitkomst wil ik je vragen [verzoeker] een voorschot uit te keren. Het voorschot bedraagt €9500,- voor de maand Juni en eenzelfde bedrag voor de maand Juli. Gezien het feit dat het salaris betreft wil ik jou vragen om deze voorschotten in de bank klaar te zetten voor betaling, zodat dit op dezelfde dag betaald kan worden als het salaris van onze collega’s.”
Equity Incentive.
Equity Incentive.
Bijgaand de facturen van [bedrijf] b.v., zoals afgesproken.
Incl. BTW euro 186.265,75
Vanaf maart worden geen voorschotten betaald, daarmee zal de factuur tot nader order 21.905,52 ex BTW per maand zijn”
Equity Incentive. Daarbij laat [verzoeker] weten dat hij tot zijn spijt op dit moment niet zal investeren in [verweerder] .
group controllervan [naam onderneming] bij de salarisadministratie van [verweerder] naar de managementovereenkomst van [verzoeker] voor controle van facturen. De salarisadministratie stuurt dit bericht door naar [verzoeker] en vraagt hem de overeenkomst te delen.
group controllerals volgt:
Ik stel het op prijs wanneer de uitbetaling over april en mei kan plaatsvinden en we de keuze over of en hoe een management contract daarbij wordt opgenomen parallel kunnen finaliseren.”
group controllerbericht [verzoeker] dezelfde dag dat rechten en verplichtingen in een werknemersverhouding anders zijn dan bij een leveranciersverhouding. Daarom moet volgens hem helder worden gemaakt welke relatie er ligt. Ook bericht de
group controllerdat de vergoeding voor statutaire directie door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders moet worden vastgesteld. De
group controlleren [verzoeker] spreken af dat de interim CFO van [verweerder] deze twee punten zal oppakken. Dat is niet gebeurd.
In overleg met Mentha en een fiscalist, is al geruime tijd geleden besloten dat het voor mij verstandiger is om te werken vanuit een managementovereenkomst i.p.v. een arbeidsovereenkomst. Op advies van [naam 2] benader ik jou hierbij met het verzoek of jij mijn arbeidscontract (getekend bijgesloten) kunt omzetten naar een managementovereenkomst. Inclusief het exit incentive scheme”.
28 augustus 2023. [verzoeker] reageert hier niet op.
Equity Incentiveen onderhandelen [verzoeker] en Mentha verder.
Equity Incentivemet het verzoek deze te ondertekenen.
Teams meetingop 2 oktober 2024 omdat vragen zijn gerezen over zijn arbeidsovereenkomst met [verweerder] .
Teams meetingmet Mentha. Daarin legt Mentha onder meer voor dat [verzoeker] in strijd met de arbeidsovereenkomst, de wet, het directiereglement en de statuten het ertoe heeft geleid dat door [verweerder] aan zijn vennootschap een
management feewordt uitbetaald in plaats van salaris aan [verzoeker] zelf, en herhaaldelijk onvolledig en in strijd met de waarheid heeft verklaard. [verzoeker] reageert hierop. Aan het einde van de
Teams meeting, na een korte schorsing, zegt Mentha [verzoeker] ontslag op staande voet aan.
3.Het verzoek en het tegenverzoek
het verzoek
4.De beoordeling
de rechtbank is bevoegd
Equity Incentive(de hoogte en de voorwaarden van de investering van [verzoeker] in [verweerder] ). Anders dan [verzoeker] lijkt te stellen, betekent dit niet dat [verzoeker] vooruitlopend op deze nadere afspraken zelfstandig kon besluiten te wisselen van werknemer met salaris naar een opdrachtnemer met een managementovereenkomst en een
management feevanuit een vennootschap. Uit het dossier volgt veeleer dat de
Equity Incentivevolgens [verzoeker] moest voorzien in een compensatie van de teruggang in salaris die hij had gemaakt bij zijn indiensttreding als CEO bij [verweerder] en dat [verzoeker] moeite had middelen vrij te maken uit eerdere participaties om te kunnen investeren in [verweerder] .
Equity Incentivenog werd besproken.
management feeaan [verweerder] vanuit zijn werk bv. Vast staat dat [verzoeker] dit alles niet met Mentha heeft gecommuniceerd.
Equity Incentiveen op die contactmomenten aan Mentha de wijze van uitbetaling had kunnen voorleggen of melden. Dit heeft [verzoeker] niet gedaan terwijl dat van een CEO wel verwacht had mogen worden.
group controllervan [naam onderneming] in dezelfde maand bij het opvragen van de managementovereenkomst te horen kreeg dat deze niet bestond (zie 2.16), had [verzoeker] dit met Mentha kunnen en moeten kortsluiten. Anders dan [verzoeker] betoogt, was het niet aan Mentha om dit via de
group controllerof de interim CFO te ontdekken. Het is heel wel mogelijk dat de
group controllerof de interim CFO dit met Mentha had kunnen en misschien ook wel moeten bespreken, maar dit ontslaat [verzoeker] niet van zijn eigen verplichting op dit punt. En tot slot had [verzoeker] , toen hij de advocaat op 25 augustus 2023 vroeg een managementovereenkomst op te stellen (2.19), met Mentha moeten kortsluiten dat zijn werk bv al meer dan een jaar een management fee in rekening bracht, zonder getekende managementovereenkomst. Dat [naam 2] in de cc van het bericht aan de advocaat was vermeld, maakt het vorenstaande niet anders. Ook hier geldt dat Mentha (via [naam 2] ) hierop had kunnen aanslaan, maar het [verzoeker] niet ontslaat van zijn eigen verplichting. Daar komt bij dat [verzoeker] in zijn bericht aan de advocaat niet vermeldt dat hij in de praktijk al ruim een jaar handelde alsof hij een managementovereenkomst had.
management feedoor de fiscalist van [verzoeker] in overleg met de CFO van [verweerder] is berekend aan de hand van het salaris (gespiegeld). Dit betoog gaat niet op. Met betaling van
management feesheeft [verzoeker] met zijn werk bv een ander soort vergoeding ontvangen dan salaris, is er mogelijk ten onrechte btw in rekening gebracht die in vooraftrek is genomen en [verweerder] is inmiddels geconfronteerd met een naheffingsaanslag en een boete van de Belastingdienst.
managent feeskreeg uitbetaald in plaats van [verzoeker] salaris. Dat Mentha hier eerder achter had moeten komen, zoals [verzoeker] heeft betoogd, volgt de rechtbank niet. Zoals hiervoor toegelicht had Mentha dit eerder
kunnenontdekken, maar dit ontslaat [verzoeker] als CEO niet van zijn eigen verplichting om Mentha als grootaandeelhouder op de hoogte te brengen van deze gang van zaken wat hij heeft nagelaten. Dat binnen [verweerder] , bijvoorbeeld bij de salarisadministratie, werd gewerkt op basis van de veronderstelling dat [verzoeker] een managementovereenkomst had maakt het vorenstaande ook niet anders. Het gaat om het moment dat diegene die over benoeming en ontslag gaat (in dit geval Mentha als grootaandeelhouder) op de hoogte raakt. Dat was voor het eerst op 24 september 2024. Vervolgens is [verzoeker] , direct na vaststelling dat aan zijn werk bv een
management feewerd betaald, op 1 oktober 2024 opgeroepen voor een gesprek. Dit gesprek heeft plaatsgevonden op 2 oktober 2024 en tussen partijen is niet in geschil dat de dringende reden toen aan [verzoeker] is gemeld. [verzoeker] heeft daarop kunnen reageren en dit ook gedaan, waarna op dezelfde dag het ontslag op staande voet is aangezegd en gegeven. Dit ontslag op staande voet is vervolgens schriftelijk bevestigd op 5 oktober 2024 en op 24 oktober 2024 bekrachtigd door [naam onderneming] . Daarnaast is [verzoeker] op 7 oktober 2024 opgeroepen voor een bijzondere algemene vergadering van aandeelhouders van [naam onderneming] op 16 oktober 2024, alwaar hij met raadsman is verschenen en waar [verzoeker] ontslagen is als statutair bestuurder. Aan [verzoeker] kan worden toegegeven dat de gang van zaken rond zijn ontslag rommelig is geweest. Het ontslag is aangezegd en gegeven door Mentha als grootaandeelhouder van [naam onderneming] via welke entiteit [verzoeker] enig statutair bestuurder van [verweerder] was, zonder kenbare betrokkenheid van de minderheidsaandeelhouder. Dit neemt niet weg dat Mentha geldt als bij uitstek de partij die ging over de (arbeids)verhouding tussen [verweerder] en [verzoeker] . Dat is door [verzoeker] niet betwist. [verzoeker] heeft met Mentha onderhandeld (i) bij zijn start als CEO van [verweerder] en (ii) daarna over de
Equity Incentive. Daarnaast was [verzoeker] de enige (indirect) statutair bestuurder van [verweerder] zodat Mentha feitelijk de partij was die zich in aanloop naar 2 oktober 2024 geconfronteerd zag met een dringende reden voor ontslag van de CEO van [verweerder] en daarop moest acteren. In die situatie en met het gegeven dat Mentha juist de partij was die door [verzoeker] had moeten worden geïnformeerd over de betaling van de
management feeleidt de wijze waarop het ontslag is aangezegd en gegeven niet tot een andere uitkomst. Tot slot staat ook de ziekmelding van [verzoeker] op 11 september 2024 – nadat Mentha hem had meegedeeld geen vertrouwen meer in hem te hebben – niet in de weg aan het door [verweerder] gegeven ontslag op staande voet.
€ 1.228(2 punten x € 614)