ECLI:NL:RBAMS:2025:2418
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herroeping beschikking kantonrechter wegens vermeend bedrog VvE
Verzoekster heeft verzocht om herroeping van een beschikking van de kantonrechter van 19 juli 2024, stellende dat de beschikking berust op bedrog door de Vereniging van Eigenaren (VvE) en betrokken belanghebbenden. Zij stelde dat zij na het vonnis stukken van beslissende aard had verkregen die door de VvE waren achtergehouden.
De rechtbank heeft overwogen dat herroeping slechts mogelijk is op grond van artikel 382 Rv Pro indien het bedrog, de valsheid van stukken of achterhouding van stukken na het vonnis is ontdekt en binnen drie maanden na ontdekking is verzocht. In dit geval ontving verzoekster de cruciale e-mail met informatie over het bestuur van de VvE al op 3 juli 2024, ruim voor de beschikking van 19 juli 2024, zodat het bedrog niet pas na het vonnis is ontdekt.
De rechtbank concludeert dat verzoekster geen beroep kan doen op de herroeping omdat zij het vermeende bedrog tijdens de beroepstermijn had kunnen aanvoeren. Het verzoek wordt daarom afgewezen. Tevens wordt verzoekster veroordeeld in de proceskosten, begroot op €610,00, omdat de VvE geen specificatie van daadwerkelijk gemaakte kosten heeft overgelegd.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken door kantonrechter J.H.J. Evers op 15 april 2025.
Uitkomst: Het verzoek tot herroeping van de beschikking wordt afgewezen en verzoekster wordt veroordeeld in de proceskosten.