ECLI:NL:RBAMS:2025:222
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Herstelvonnis correctie vergoeding immateriële schade in strafzaak
In deze strafzaak met parketnummer 13/300523-24 heeft de rechtbank Amsterdam een herstelvonnis gewezen op 7 januari 2025. Dit herstelvonnis volgt op het vonnis van 27 december 2024, waarin een fout werd geconstateerd in de toekenning van de vergoeding voor immateriële schade aan de benadeelde partij.
De rechtbank stelde vast dat op pagina 10 van het oorspronkelijke vonnis stond dat de vergoeding voor immateriële schade €500 bedroeg, terwijl dit bedrag €550 had moeten zijn. Ook op pagina 14 werd dit bedrag onjuist vermeld in de beslissing op de vordering van de benadeelde partij. De rechtbank kwalificeerde dit als een kennelijke misslag.
Met het herstelvonnis is de vergoeding voor immateriële schade formeel gecorrigeerd naar €550, terwijl de vergoeding voor materiële schade ongewijzigd bleef op €131,81. Dit herstelvonnis is gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam, onder voorzitterschap van mr. J.M. van Hall en met medewerking van mrs. C. Wildeman en B. Kuppens.
Uitkomst: De vergoeding van immateriële schade is gecorrigeerd van €500 naar €550.