Op 3 februari 2023 is eiseres tijdens het uitlaten van haar hond ten val geraakt, waarbij zij een complexe breuk aan haar linkerscheenbeen opliep. Eiseres stelt dat de hond van gedaagde hiervoor aansprakelijk is en vordert schadevergoeding van €125.382,00. Gedaagde betwist de aansprakelijkheid en stelt dat de eigen hond van eiseres de val heeft veroorzaakt.
Eiseres heeft conservatoir beslag laten leggen op onroerende zaken en bankrekeningen van gedaagde om verhaal te verzekeren. Gedaagde verzoekt in een incident tot opheffing van dit beslag, stellende dat het beslag onnodig en ondeugdelijk is, mede omdat het beslag het economisch leven belemmert en het schadebedrag lager is dan het beslagbedrag.
De rechtbank oordeelt dat eiseres haar vordering voorshands voldoende aannemelijk heeft gemaakt en dat het voorlopig getuigenverhoor geen aanleiding geeft tot het opheffen van het beslag. De belangenafweging weegt in het voordeel van eiseres, mede omdat gedaagde onvoldoende heeft onderbouwd dat de verkoop van haar woning noodzakelijk is en dat het beslag haar ernstig belemmert.
Het verzoek tot opheffing van het conservatoir beslag wordt afgewezen en de beslagen blijven gehandhaafd. De hoofdzaak wordt voortgezet en verdere beslissingen worden aangehouden. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten van het incident.