Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De beoordeling
3.De beslissing
vrijdag 28 februari 2025 om 10.00 uurvoor het nemen van een akte door eisende partij zoals bepaald in overwegingen 2.2 en 2.4,
Rechtbank Amsterdam
In deze civiele zaak tussen Ziggo Services B.V. en gedaagde, die niet is verschenen, heeft de rechtbank Amsterdam verstek verleend tegen gedaagde. Ziggo stelt dat de overeenkomst is gesloten in de uitoefening van een bedrijf, waardoor consumentenbescherming niet van toepassing zou zijn. De kantonrechter oordeelt dat Ziggo deze stelling nader moet onderbouwen, mede gelet op de aard van de dienstverlening (internet en tv) en het feit dat het leveringsadres het woonadres van gedaagde betreft.
De rechtbank benadrukt dat het enkel drijven van een onderneming niet doorslaggevend is voor de vraag of iemand consument is; het gaat om het doel van de overeenkomst, afgeleid uit de aard van de dienst, conform het Costea-arrest van het HvJ EU. Indien gedaagde als consument wordt aangemerkt, moet Ziggo ook aantonen dat zij heeft voldaan aan haar informatieplichten uit het Burgerlijk Wetboek en de overeenkomst toetsen aan de richtlijn oneerlijke bedingen.
De zaak wordt verwezen naar een rolzitting waarbij Ziggo een nadere akte moet indienen, die tijdig aan gedaagde moet worden toegezonden met informatie over de mogelijkheid tot reageren of het vragen van uitstel. De verdere beslissing wordt aangehouden tot die zitting.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden om Ziggo de gelegenheid te geven nader te onderbouwen of gedaagde als consument moet worden aangemerkt.