Op 31 augustus 2025 heeft verdachte, gekleed in gezichtsbedekkende kleding en gewapend met een mes, een supermarkt in Aalsmeer overvallen. Hij bedreigde twee personen met het mes en eiste geld uit de kassalade, waarna hij met ongeveer €355,- vluchtte.
Verdachte bekende het ten laste gelegde feit tijdens de terechtzitting van 5 december 2025. De rechtbank achtte de bewezenverklaring op basis van de bekentenis, proces-verbalen van aangifte en bevindingen. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
De rechtbank oordeelde dat het feit strafbaar is en dat verdachte strafbaar is. Gelet op de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn jonge leeftijd en blanco strafblad, en de LOVS-oriëntatiepunten, legde de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twintig maanden op.
De benadeelde partij vorderde een schadevergoeding van €10.051,10. De rechtbank wees de vordering gedeeltelijk toe tot €5.047,31, bestaande uit een restant van de buit, een geschatte omzetderving en kosten van organisatie D.O.E.N., en wees andere posten af of verklaarde deze niet-ontvankelijk.
De rechtbank legde verdachte tevens een schadevergoedingsmaatregel op en bepaalde dat bij niet-betaling gijzeling kan worden toegepast. Het vonnis werd uitgesproken op 19 december 2025 door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam.