ECLI:NL:RBAMS:2025:10673
Rechtbank Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beklag teruggave inbeslaggenomen luxe goederen wegens onvoldoende eigendomsaantoon
Klaagster verzocht om teruggave van diverse inbeslaggenomen luxe tassen en portemonnees, stellende dat deze aan haar toebehoren en niet aan de beslagene, haar vriend. Zij voerde aan dat zij sommige voorwerpen zelf had gekocht en andere had gekregen van haar ex-partner. De rechtbank onderzocht de onderbouwing van deze stellingen.
De rechtbank oordeelde dat klaagster onvoldoende bewijs had geleverd voor haar eigendom. De aankoopbonnen waren deels niet op haar naam gesteld en konden niet overtuigend aan haar worden gekoppeld. Bovendien bleek uit het strafdossier dat de beslagene aanzienlijke bedragen op haar rekening had gestort en aankopen had gedaan bij luxe winkels, waaronder Louis Vuitton.
Gezien deze feiten achtte de rechtbank de beslagene als de redelijke rechthebbende van de goederen. Het feit dat het damesartikelen betrof deed hieraan niet af, omdat het om waardevolle, goed verhandelbare luxeproducten ging. Het beklag werd daarom ongegrond verklaard. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open.
Uitkomst: Het beklag tot teruggave van de inbeslaggenomen luxe goederen wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van eigendom door klaagster.