Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheidEXACT SCIENCES NETHERLANDS B.V.,
2. de vennootschap naar Amerikaans recht
GENOMIC HEALTH INC.,
AGENDIA N.V.,
1.De procedure
Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht.
Bij de mondelinge behandeling waren aanwezig:
mr. Van Beusekom.
Via een digitale verbinding hebben deelgenomen:
aan de zijde van eiseressen: [naam 5] en [naam 6] ;
aan de zijde van gedaagden: [naam 7] , [naam 8] en [naam 9] .
Zij zijn, alsmede [naam 2] , bijgestaan door twee tolken Nederlands/Engels, te weten
H. Bos en J. Wesenbeek.
Na verder debat is vonnis bepaald op 17 december 2025.
2.De feiten
spin-offvan het Antonie van Leeuwenhoekziekenhuis en biedt een IVD aan met de naam MammaPrint.
2.5. Bij brief van 29 oktober 2025 heeft de advocaat van Exact Sciences Agendia onder meer bericht dat Agendia het in haar reclame-uitingen ten onrechte doet voorkomen dat MammaPrint even goed of zelfs beter presteert dan Oncotype DX. Agendia is in de brief – kort gezegd – gesommeerd om binnen één dag (uiterlijk 30 oktober 2025 om 17.00 uur) te bevestigen dat zij de misleidende uitingen zal te staken, een rectificatie zal sturen naar tal van betrokkenen en een rectificatie zal plaatsten op haar website, een en ander op straffe van een boete van € 10.000,- per dag of per keer dat niet aan de inhoud van de sommatie wordt voldaan, met een maximum van € 2.000.000,-.
3.Het geschil
i. Agendia te verbieden misleidende uitingen alsmede misleidende vergelijkende uitingen te (laten) doen over MammaPrint, op welke wijze dan ook, mondeling of schriftelijk, in fysieke of online media, in presentaties, power point slides, etc. die publiekelijk of tijdens seminars, op de website, in e-mails en/of tijdens artsenbezoeken worden getoond of gedistribueerd, waarbij de uiting een claim omvat zoals, identiek of qua strekking soortgelijk aan Claims A tot en met I;
unique selling pointsheeft, en/of
3.3. Exact Sciences heeft Oncotype DX ontwikkeld; dit is een prognostische én een predictieve biomarker bij (adjuvante) chemotherapie. Agendia brengt MammaPrint op de markt; dit is alleen een prognostische biomarker. Oncotype DX voldoet aan de zogenoemde ‘gouden standaard’. Dit houdt in dat Oncotype DX is erkend in RCT onderzoeken (Randomized Controlled Trial), dus in gerandomiseerde onderzoeken met een controlegroep. In die onderzoeken zijn aan Oncotype DX prognostische en predictieve eigenschappen toegekend. Agendia presenteert MammaPrint ten onrechte ook als predictieve biomarker, voor zowel chemo- als endocriene therapie. Zij beschikt hiervoor over onvoldoende bewijs. De ASCO Guidelines (American Society of Clinical Oncology) benadrukken dat het nut van MammaPrint beperkt is tot dat van prognostische biomarker. In de NCCN Guidelines (National Comprehensive Cancer Network) wordt expliciet vermeld dat de predictieve werking van MammaPrint niet is vastgesteld. De wetenschappelijke studies waarop Agendia zich baseert zijn geen RCT-studies en kunnen niet de conclusie rechtvaardigen dat MammaPrint predictieve werking kent. Uit artikel 56 lid 1 en Pro 3 IVDR kan worden afgeleid dat RCT-studies de norm zijn, althans dat studies van een hoog niveau zijn vereist om de werking van een bepaald middel te onderbouwen. Ook het besluit uit 2023 van het Zorg Instituut Nederland (ZIN), op grond waarvan MammaPrint wordt vergoed door de zorgverzekering, toont de predictieve werking van MammaPrint niet aan. Dit betekent dat Agendia zich schuldig maakt aan misleidende (vergelijkende) reclame (zie de artikelen 6:194 en 6:194a BW), nu zij MammaPrint aanprijst als predictieve biomarker, en daarvoor onvoldoende klinisch bewijs is. Ook zijn de claims van Agendia in strijd met artikel 7 IVDR Pro waarin – kort gezegd – is bepaald dat het verboden is teksten of benamingen te gebruiken die de gebruiker of de patiënt kunnen misleiden met betrekking tot het beoogde doel en de prestaties van een hulpmiddel. Artikel 6:195 BW Pro keert de bewijslast om. Op degene die verantwoordelijk is voor de (beweerd) misleidende mededeling of de (beweerd) misleidende vergelijking (in dit geval Agendia), rust de bewijslast om aan te tonen dat die mededeling of vergelijking juist is. Aan die bewijslast voldoet Agendia niet.
Claim A: Op 29 september 2025 heeft telefonisch contact plaatsgevonden tussen een medewerker van Exact Sciences en een medewerker van Haaglanden Medisch Centrum (HMC). De aanleiding hiervoor was dat een medewerker van Agendia contact had opgenomen met het HMC om MammaPrint aan te prijzen vanwege haar
unique selling points.Verdere navraag bij het HMC leerde Exact Sciences dat Agendia MammaPrint had aangeprezen als predictieve biomarker. Tevens heeft Agendia ten onrechte verklaard dat MammaPrint beter is dan Oncotype DX omdat MammaPrint een besparing oplevert van
€ 2.500,- per patiënt en een besparing van € 4,3 miljoen voor de gehele gezondheidszorg.
Claim B: Agendia verspreidt een folder waarin MammaPrint eveneens wordt aangeprezen als predictieve biomarker.
Claims C en D: Agendia maakt gebruik van een Powerpoint-prestentatie waarin MammaPrint wordt aangeprezen als predictieve biomarker.
Claims E, F en G: Op 16 september 2024 heeft Agendia een presentatie gehouden op het Symposium Borstkankerbehandeling Beter in Rotterdam. Ook hier heeft zij verkondigd dat MammaPrint een predictieve biomarker is.
Claims H en I: Agendia maakt gebruik van een Powerpoint-prestentatie waarin MammaPrint wordt aangeprezen als predictieve biomarker en waarin ten onrechte is opgenomen dat MammaPrint beter is dan Oncotype DX omdat MammaPrint een besparing oplevert van € 2.500,- per patiënt en een besparing van € 4,3 miljoen voor de gehele gezondheidszorg.
Alle claims (dus de
Claims A tot en met I) zijn bovendien misleidend voor zover die inhouden dat MammaPrint kan worden ingezet als hulpmiddel bij het nemen van beslissingen over endocriene therapie (hormoontherapie).
4.De beoordeling
notified body(GMED) voor MammaPrint een kwaliteitsmanagement-systeemcertificaat heeft afgegeven. GMED heeft volgens Agendia geoordeeld dat voldoende bewezen is dat MammaPrint prognostische én predictieve informatie geeft. Ook uit het standpunt van het Zorginstituut Nederland kan worden afgeleid dat MammaPrint prognostische én predictieve informatie geeft. Agendia heeft er in dit kader verder op gewezen dat de ASCO-richtlijn dateert van vóór de datum van de standpuntbepaling van GMED en het Zorginstituut Nederland en dat de NCCN-richtlijn een Amerikaanse richtlijn is die toepassing in de EU mist. Tot slot heeft Agendia aangevoerd dat zij beschikt over een aantal wetenschappelijke studies die de predictieve werking van MammaPrint aantonen, waarbij volgens Agendia de ‘gouden standaard’ niet onder alle omstandigheden de geldende toets is. De RCT studies zijn op het gebied waar Agendia actief is, vaak onethisch omdat patiënten dan niet de best beschikbare behandeling krijgen.
op welke wijze dan ook” waarbij een uiting een claim omvat zoals, “
identiek of qua strekking soortgelijk” aan Claims A tot en met I. De rectificatie zou moeten worden gestuurd naar een veel bredere groep van betrokkenen dan de groep ten overstaan waarvan de uitingen zouden zijn gedaan (“
naar alle Nederlandse ziekenhuizen, aan de artsen en andere beroepsbeoefenaren aldaar werkzaam en die betrokken zijn bij (de behandeling van) (borst) kanker, aan de patiënten-/kankerorganisaties Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL), Borstkankervereniging Nederland (BVN) en de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) en het Nederlandse Borstkanker Overleg Nederland (NABON), alle Nederlandse zorgverzekeraars en het ZIN”). In de tekst van de rectificatie zou Agendia bovendien haar excuses moeten aanbieden, hetgeen indruist tegen vaste jurisprudentie.