De rechtbank Amsterdam heeft op 12 december 2025 uitspraak gedaan over het verzoek tot tussentijdse toetsing van de ISD-maatregel opgelegd aan de veroordeelde op 15 november 2024. De maatregel is bedoeld ter beveiliging van de maatschappij en het beëindigen van recidive.
Uit het voortgangsverslag blijkt dat de veroordeelde aanvankelijk contact vermeed met zijn casemanager en psycholoog, waardoor actuele diagnostiek en een extramurale fase niet mogelijk zijn. Pogingen om woonruimte te vinden mislukten vanwege het ontbreken van regiobinding. De deskundige en de officier van justitie adviseerden voortzetting van de maatregel, terwijl de verdediging opheffing vorderde vanwege verminderd recidivegevaar.
De rechtbank oordeelt dat voortzetting noodzakelijk is omdat beëindiging zou leiden tot onveiligheid en overlast, mede door het ontbreken van woonruimte en begeleiding. De veroordeelde erkent zijn frustratie en het stroeve verloop, maar kan niet garanderen geen nieuwe strafbare feiten te plegen. De rechtbank bepaalt daarom dat de ISD-maatregel wordt voortgezet.