Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
Rechtbank Amsterdam
Op 17 maart 2023 veroorzaakte verdachte, bestuurder van een vrachtauto, een verkeersongeval in Amsterdam waarbij een fietser zwaar lichamelijk letsel opliep. Verdachte sloeg rechtsaf bij een kruising terwijl de fietser, die voorrang had, op het fietspad reed. De rechtbank oordeelde dat verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend handelde door onvoldoende zicht te houden en de fietser niet te zien.
De rechtbank nam diverse bewijsmiddelen in overweging, waaronder verklaringen, camerabeelden en tachograafdata. Verdachte stond langer stil dan hij aangaf en had meerdere fietsers kunnen zien. Ondanks dat verdachte beroepschauffeur is, was hij onervaren in het Amsterdamse verkeer en hield hij onvoldoende rekening met de dode hoek en de drukte.
De rechtbank verwierp het verweer dat het telefoongesprek of de spiegelafstelling het ongeval veroorzaakten. Verdachte werd veroordeeld voor overtreding van artikel 6 Wegenverkeerswet Pro 1994 wegens aanmerkelijke schuld aan het ongeval. De straf bestaat uit een taakstraf van 120 uur met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-naleving. Van een rijontzegging werd afgezien vanwege de persoonlijke en financiële omstandigheden van verdachte.
Het slachtoffer heeft zwaar letsel opgelopen met langdurige gevolgen, waaronder meerdere operaties en een toekomstige kunstknie. Verdachte toonde direct na het ongeval verantwoordelijkheid en betrokkenheid. De rechtbank hield rekening met landelijke oriëntatiepunten en vergelijkbare jurisprudentie bij de strafoplegging.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur wegens aanmerkelijk onvoorzichtig rijgedrag waarbij een fietser zwaar letsel opliep.