Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2024:7917

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
12 december 2024
Publicatiedatum
18 december 2024
Zaaknummer
13-246895-24
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 23 OverleveringswetArt. 29 Overleveringswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Officier van justitie niet-ontvankelijk wegens intrekking Europees aanhoudingsbevel

De rechtbank Amsterdam behandelde op 12 december 2024 de vordering van de officier van justitie tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Duitse justitiële autoriteit op 17 juni 2024. De opgeëiste persoon, die de Nederlandse nationaliteit bezit, verscheen ter zitting en bevestigde zijn identiteit.

Tijdens de zitting werd meegedeeld dat het EAB door de uitvaardigende autoriteit was ingetrokken. Zowel de raadsman van de opgeëiste persoon als de officier van justitie vorderden daarop dat de officier van justitie niet-ontvankelijk zou worden verklaard in haar vordering. De rechtbank volgde dit standpunt en verklaarde de officier van justitie niet-ontvankelijk.

Daarnaast stelde de rechtbank vast dat de geschorste overleveringsdetentie van rechtswege is vervallen. De uitspraak werd in het openbaar gedaan en is onherroepelijk, aangezien tegen deze beslissing geen gewoon rechtsmiddel openstaat volgens artikel 29, tweede lid, van de Overleveringswet.

Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens intrekking van het Europees aanhoudingsbevel.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13-246895-24
Datum uitspraak: 12 december 2024
UITSPRAAK
op de vordering van 16 oktober 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). [1]
Dit EAB is uitgevaardigd op 17 juni 2024 door het
Amtsgericht Bamberg, Duitsland (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedag] 2000,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:
[BRP adres] ,
hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1.Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 12 december 2024, in aanwezigheid van mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. V. Poelmeijer, advocaat in Amsterdam.
De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting van 12 december 2024 gesloten en direct uitspraak gedaan.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft.

3.Ontvankelijkheid officier van justitie

Bij e-mail van 12 december 2024 heeft het Openbaar Ministerie meegedeeld dat de uitvaardigende justitiële autoriteit het EAB heeft ingetrokken. De raadsman en officier van justitie hebben daarom ter zitting gevorderd dat de officier van justitie niet-ontvankelijk wordt verklaard.
De rechtbank is met de raadsman en officier van justitie van oordeel dat de officier van justitie niet kan worden ontvangen in haar vordering tot het in behandeling nemen van het EAB, omdat het EAB inmiddels is ingetrokken.

4.Beslissing

Verklaartde officier van justitie niet-ontvankelijk in haar vordering tot het in behandeling nemen van het EAB;
Stelt vastdat de – geschorste – overleveringsdetentie van rechtswege is vervallen.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. M. van Mourik, voorzitter,
mrs. J.P.W. Helmonds en D.A. Segbedzi, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. E.A. Harland en Ç.H. Dede, griffiers,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 12 december 2024.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Zie artikel 23 Overleveringswet Pro.