Eiser, handelend onder een handelsnaam, heeft een zakelijke rekening bij de Litouwse bank Revolut geopend. Na een grote bijschrijving van de Belgische fiscus werd dit bedrag door Revolut teruggeboekt en de bancaire relatie beëindigd. Eiser vordert in Nederland een verklaring voor recht dat Revolut tekort is geschoten en schadevergoeding.
Revolut stelt dat partijen een exclusieve forumkeuze voor de Litouwse rechter zijn overeengekomen en dat er al een procedure loopt bij de Vilnius Regional Court over hetzelfde onderwerp en dezelfde partijen. De rechtbank bevestigt dat de Litouwse procedure eerder is aanhangig gemaakt en dat de dagvaarding correct is betekend.
Op grond van de Brussel I-bis Verordening moet de Nederlandse rechter de behandeling aanhouden totdat de Litouwse rechter zijn bevoegdheid heeft vastgesteld. De rechtbank wijst erop dat eiser niet heeft onderbouwd waarom de Nederlandse rechter internationaal bevoegd zou zijn.
De rechtbank houdt de behandeling aan tot 2 april 2025 en verwijst de zaak naar de parkeerrol voor nadere toelichting over de bevoegdheid van de Litouwse rechter. De beslissing over de proceskosten wordt eveneens aangehouden.