Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd. Met betrekking tot feit 1 leest de rechtbank de tenlastelegging verbeterd in die zin dat met ‘een vuurwapen van categorie III’ wordt bedoeld ‘een vuurwapen van categorie III onder 1’. Gelet op de context van het dossier betreft dit een kennelijke verschrijving. Verdachte wordt door de verbeterde lezing niet in zijn belangen geschaad.
3.Waardering van het bewijs
bijlagen II en IIIacht de rechtbank feiten 1, 2 (gedeeltelijk), 3 subsidiair, 4 en 5 bewezen. Verdachte wordt van feit 2 gedeeltelijk en van feit 3 primair vrijgesproken. De rechtbank overweegt daartoe het volgende.
4.Bewezenverklaring
bijlagen II en IIIopgenomen bewijsmiddelen bewezen dat verdachte:
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen
8.Beslag
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
feit 3 primairniet bewezen en
spreekt verdachtedaarvan
vrij.
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
210 (tweehonderdtien) dagen.
56 (zesenvijftig) dagenvan deze gevangenisstraf
niet tenuitvoergelegdzal worden, tenzij later anders wordt bevolen.
proeftijdvan
2 (twee) jarenvast.
- zich meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering zal contact met veroordeelde opnemen voor de eerste afspraak;
- zich laat behandelen door FACT-team of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt;
- verblijft in Care & Coaching of een andere instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;
- op geen enkele wijze - direct of indirect – contact heeft of zoekt met [persoon 3] , (geboren op [geboortedag] 1992), [persoon 1] (geboren [geboortedag] 2004), [persoon 2] (geboren op [geboortedag] 1994), [persoon 4] (geboren op [geboortedag] 1998) en [persoon 5] (geboren op [geboortedag] 2003), zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt;
- zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur;
- meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen,
taakstrafvan
150 (honderdvijftig) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 75 (vijfenzeventig) dagen.
onttrokken aan het verkeer:
bewaring ten behoeve van de rechthebbende(n)van:
benadeelde partij [persoon 1]toe tot een bedrag van
€ 500,00 (vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van het ontstaan van de schade (7 februari 2024) tot aan de dag van de algehele voldoening.
overige niet-ontvankelijkin haar vordering tot vergoeding.
ten behoeve van [persoon 1] aan de Staat € 500,00 (vijfhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (7 februari 2024) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 10 (tien) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
benadeelde partij [persoon 2]toe tot een bedrag van
€ 500,00 (vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van het ontstaan van de schade (1 januari 2024) tot aan de dag van de algehele voldoening.
overige niet-ontvankelijkin haar vordering tot vergoeding.
ten behoeve van [persoon 2] aan de Staat € 500,00 (vijfhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (1 januari 2024) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 10 (tien) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
ten behoeve van [persoon 3] aan de Staat € 500,00 (vijfhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (7 februari 2024) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 10 (tien) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
- […]
- […]
- […]
- […]
- […]
- […]
- […]
- […]