ECLI:NL:RBAMS:2024:6018
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Executeur vordert afgifte bankafschriften van onterfde ex-echtgenoot na overlijden
Na het overlijden van moeder, die haar echtgenoot onterfde en haar kinderen tot erfgenamen benoemde, vordert de executeur-testamentair de afgifte van diverse goederen en bankafschriften van de ex-echtgenoot. De ex-echtgenoot is niet de vader van alle kinderen en verblijft tijdelijk in Suriname.
De executeur stelt dat de nalatenschap moet worden verdeeld en dat de bankafschriften nodig zijn om de waarde van de nalatenschap te bepalen. De ex-echtgenoot betwist de spoedeisendheid en stelt dat hij bereid is mee te werken na zijn terugkeer uit Suriname. Hij ontkent bezit van de gevorderde ring en horloge en betwist het bezit van onroerend goed in Paramaribo.
De voorzieningenrechter oordeelt dat alleen de vordering tot afgifte van bankafschriften toewijsbaar is vanwege het spoedeisend belang en de noodzaak om de nalatenschap te waarderen. De overige vorderingen worden afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd tussen partijen.
Uitkomst: De ex-echtgenoot wordt veroordeeld tot afgifte van bankafschriften binnen 30 dagen met een dwangsom, overige vorderingen worden afgewezen.