ECLI:NL:RBAMS:2024:4957
Rechtbank Amsterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beoordeling niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen aanslag waterschapsbelasting wegens termijnoverschrijding
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen een aanslag waterschapsbelasting 2021, opgelegd op 30 november 2021. De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het bezwaarschrift pas op 21 april 2023 werd ingediend, ruim na de wettelijke termijn van zes weken.
De rechtbank oordeelt dat de termijn op 1 december 2021 is gaan lopen en op 11 januari 2022 is geëindigd. Eiser heeft geen geldige reden aangevoerd voor de late indiening, ook niet de vermeende fout van de heffingsambtenaar over een dubbel opgelegde aanslag. De rechtbank stelt vast dat deze fout niet is gebleken.
De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard. Het door eiser betaalde griffierecht hoeft niet te worden vergoed. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk wegens te late indiening.