ECLI:NL:RBAMS:2024:4880
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek overname private schuld op grond van Wet hersteloperatie toeslagen
Eiseres, aangemerkt als gedupeerde ouder in de toeslagenaffaire, verzocht om overname van een private schuld van €901,96 bij een online warenhuis op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht). De minister van Financiën wees dit verzoek af omdat de schuld niet aan de wettelijke voorwaarden voldeed: de schuld was niet vóór 1 juni 2021 opeisbaar en er waren toen geen betalingsachterstanden.
Eiseres beriep zich op de hardheidsclausule, stellende dat het onredelijk was dat haar schuld niet werd overgenomen omdat betalingsachterstanden pas in 2023 ontstonden. De rechtbank oordeelde dat de voorwaarden van artikel 4.1 Wht dwingend zijn en dat alleen opeisbare schulden voor overname in aanmerking komen. De hardheidsclausule kan slechts worden toegepast bij bijzondere, niet voorziene schrijnende omstandigheden, welke eiseres niet aannemelijk maakte.
De rechtbank benadrukte dat de regeling bedoeld is om gedupeerden een nieuwe start te bieden door alleen opeisbare schulden en betalingsachterstanden over te nemen, en niet om alle betalingsverplichtingen weg te nemen. Omdat eiseres geen bijzondere omstandigheden aantoonde, werd het beroep ongegrond verklaard. Zij kreeg geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
De uitspraak is gedaan door rechter M.H. van Haeften op 31 juli 2024 en partijen zijn geïnformeerd over de mogelijkheid van hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat de private schuld niet vóór 1 juni 2021 opeisbaar was.