Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
[eiser 2],
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- de akte van [gedaagde 2] ,
- de akte van [eiser 2] , met producties,
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een geschil tussen twee verenigingen van eigenaren over een stuk betonplaat dat onder de erfafscheiding door ligt en op het perceel van eiser ligt. In een tussenvonnis is vastgesteld dat de betonplaat verwijderd moet worden, tenzij het belang van gedaagde bij behoud zwaarder weegt dan het belang van eiser bij verwijdering, op grond van misbruik van recht (artikel 3:13 BW Pro).
Gedaagde stelde dat verwijdering relatief hoge kosten met zich meebrengt (€ 1.744,82) maar geen significante invloed heeft op de balkonconstructie. Eiser stelde dat de betonplaat wateroverlast veroorzaakt en beplanting belemmert, waardoor zijn belang bij verwijdering groot is.
De rechtbank oordeelde dat de belangenafweging in het voordeel van eiser uitvalt. De kosten voor verwijdering zijn niet disproportioneel hoog en de inbreuk op het eigendomsrecht van eiser moet worden opgeheven. Gedaagde wordt veroordeeld het betonplaat binnen 60 dagen te verwijderen, met een dwangsom bij niet-naleving.
Daarnaast is in reconventie vastgesteld dat de erfgrens loopt zoals de huidige afscheiding en dat de grond aan de kant van gedaagde is verkregen door verkrijgende verjaring. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot verwijdering van de betonplaat binnen 60 dagen met dwangsom bij niet-naleving.