ECLI:NL:RBAMS:2024:3751
Rechtbank Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen weigering rechter-commissaris onderzoekshandelingen ongegrond verklaard
De bezwaarde verzocht op 3 april 2023 de rechter-commissaris om onderzoekshandelingen te verrichten, waaronder het horen van 32 getuigen. De rechter-commissaris wees dit verzoek op 11 januari 2024 af. De verdediging handhaafde het verzoek voor 12 getuigen en voerde aan dat deze getuigen konden verklaren over de aankoopprijzen van steengroeven, administratie, liquiditeitsoverdracht naar het buitenland en valsheid in geschrifte.
De verdediging stelde dat de getuigen essentieel zijn voor een adequate verdediging in een zaak waarin verduistering van 40 miljoen euro wordt verdacht. Het Openbaar Ministerie betoogde dat het verzoek onvoldoende concreet was en dat eerdere getuigenverklaringen geen relevant verband aantoonden tussen het geld en de aankopen.
De rechtbank oordeelde dat de rechter-commissaris terecht het verzoek afwees omdat onvoldoende is aangetoond dat de gevraagde getuigenverklaringen relevant zijn voor de kernvragen van de zaak. Ook het verzoek tot dossiercompletie werd niet toegewezen, omdat de rechter-commissaris hier nog geen beslissing over had genomen.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar ongegrond is en dat de verdediging eerst de rechter-commissaris moet verzoeken om op het dossiercompletieverzoek te beslissen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de weigering van de rechter-commissaris om onderzoekshandelingen te verrichten is ongegrond verklaard.