ECLI:NL:RBAMS:2024:3658

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
17 mei 2024
Publicatiedatum
19 juni 2024
Zaaknummer
AMS 23/5006, 23/5011, 23/5017, 23/5019, 23/5020
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Verordening Parkeerbelastingen 2023Uitvoeringsbesluit wielklemregeling wanbetalers Amsterdam 2020
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Naheffingsaanslagen parkeerbelasting en plaatsing wielklem terecht verklaard

De heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam legde aan eiseres meerdere naheffingsaanslagen parkeerbelasting op vanwege parkeren zonder betaling. Eiseres stelde dat zij een geldige bewonersvergunning had en dat zij tijdig een kentekenwijziging had doorgegeven, waardoor de naheffingsaanslagen en de wielklem onterecht zouden zijn.

De rechtbank stelde vast dat eiseres op 10 juli 2023 geen geldige kentekenwijziging had doorgegeven, maar een nieuwe aanvraag voor een parkeervergunning had gedaan die werd afgewezen. Pas op 19 juli 2023 werd het kenteken gewijzigd. Hierdoor was er geen geldige bewonersvergunning op het moment van de naheffingsaanslagen en de wielklem.

De rechtbank oordeelde dat parkeren zonder geldige vergunning leidt tot verschuldigdheid van parkeerbelasting en dat de wielklem terecht was geplaatst omdat er vijf openstaande naheffingsaanslagen waren. De kosten van de wielklem mochten daarom ook worden verhaald op eiseres.

Eiseres is niet verschenen op de zitting om haar standpunt toe te lichten, waardoor de rechtbank uitging van de administratie van de heffingsambtenaar. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen vergoeding van het griffierecht toegekend.

Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslagen en de plaatsing van de wielklem is ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 23/5006, 23/5011, 23/5017, 23/5019 en 23/5020

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 mei 2024 in de zaak tussen

[eiseres] , te Amsterdam, eiseres

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam, de heffingsambtenaar.

Procesverloop

Met de besluiten van juli 2023 heeft de heffingsambtenaar aan eiseres meerdere naheffingsaanslagen parkeerbelasting opgelegd. Eiseres heeft tegen vier naheffingsaanslagen een bezwaarschrift ingediend.
Met een besluit van 9 augustus 2023 heeft verweerder de kosten van het plaatsen van een wielklem op eiseres verhaald. Eiseres heeft ook hiertegen bezwaar gemaakt.
Met de uitspraken op bezwaar van 4 augustus 2023 (de bestreden uitspraken I, II, III en IV) heeft de heffingsambtenaar de bezwaren van eiseres ten aanzien van de vier naheffingsaanslagen ongegrond verklaard.
Met de uitspraak op bezwaar van 31 augustus 2023 (de bestreden uitspraak V) heeft de heffingsambtenaar de bezwaren van eiseres ten aanzien van de wielklem ongegrond verklaard.
Eiseres heeft tegen al de bovenstaande bestreden uitspraken beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 23 april 2024. Eiseres is, zonder bericht van verhindering, niet verschenen. Namens de heffingsambtenaar is verschenen [heffingsambtenaar] .

Overwegingen

1. De heffingsambtenaar heeft in juli 2023 meerdere naheffingsaanslagen parkeerbelasting aan eiseres opgelegd. Volgens de heffingsambtenaar stond eiseres alle keren geparkeerd met de auto met kenteken [kentekennummer 1] , zonder dat zij hiervoor parkeerbelasting heeft betaald. In de naheffingsaanslagen is eiseres erop geattendeerd dat een wielklem kan worden aangebracht indien vijf of meer naheffingsaanslagen openstaan. In geval van eiseres stonden er vijf naheffingsaanslagen open en is om die reden een wielklem aangebracht.
2. Volgens eiseres zijn de naheffingsaanslagen onterecht opgelegd, waardoor de wielklem ook onterecht is aangebracht op de auto. Eiseres stelt namelijk een bewonersvergunning te hebben. Eiseres geeft aan dat zij op 10 juli 2023 haar oude auto met kenteken [kentekennummer 2] heeft ingeleverd en een nieuwe auto met kenteken [kentekennummer 1] heeft opgehaald. Dezelfde dag nog heeft eiseres om 14:05 uur via de site van de gemeente Amsterdam een kentekenwijziging doorgegeven met betrekking tot haar bewonersvergunning. Eiseres geeft aan dat zij naar aanleiding van de wielklem de gemeente heeft gebeld die vervolgens zou hebben gezegd dat er een hele lijst van mensen zou zijn waarbij de kentekenwijziging niet goed is gegaan.
3. De heffingsambtenaar voert aan dat uit zijn systemen blijkt dat eiseres op
10 juli 2023 geen kentekenwijziging heeft doorgevoerd, maar opnieuw een aanvraag heeft gedaan voor een parkeervergunning voor bewoners. Pas op 19 juli 2023 heeft eiseres het kenteken gewijzigd naar het kenteken van de nieuwe auto. Volgens de heffingsambtenaar heeft eiseres zelf een foute keuze gemaakt, die ook voor haar rekening en risico moet komen. De heffingsambtenaar voert tevens aan dat ten tijde van het aanbrengen van de wielklem (9 augustus 2023) sprake was van vijf openstaande naheffingsaanslagen, waardoor de wielklem ook terecht is aangebracht.
4. De rechtbank volgt het standpunt van de heffingsambtenaar. De rechtbank overweegt dat van parkeren met een bewonersvergunning alleen sprake is als wordt voldaan aan de voorwaarden die aan de vergunning zijn verbonden. Is aan een of meer van deze voorwaarden niet voldaan, dan is er geparkeerd zonder vergunning. Een van de voorwaarden is dat een parkeervergunning uitsluitend geldig is voor het parkeren van het voertuig waarvan het kenteken is geregistreerd. Hoewel de rechtbank mee voelt met eiseres, blijkt uit de administratie van de heffingsambtenaar dat eiseres op 10 juli 2023 een aanvraag heeft gedaan voor een parkeervergunning voor bewoners en ook dat deze aanvraag op dezelfde dag is afgewezen. Daarnaast blijkt uit de administratie van de heffingsambtenaar dat eiseres op
19 juli 2023 wel een kentekenwijziging heeft doorgegeven. De rechtbank overweegt voorts dat eiseres niet op zitting is verschenen om vragen omtrent deze gang van zaken te beantwoorden. Daarom gaat de rechtbank uit van de overgelegde administratie van de heffingsambtenaar. Nu er zonder geldige bewonersvergunning is geparkeerd, was eiseres parkeerbelasting verschuldigd. Eiseres heeft geen parkeerbelasting betaald. Naar het oordeel van de rechtbank komt de vergissing van eiseres bovendien voor eigen rekening en risico. De naheffingsaanslagen zijn daarom terecht opgelegd aan eiseres.
5. De rechtbank overweegt met betrekking tot de aangebrachte wielklem als volgt. In de Verordening Parkeerbelastingen 2023 van de gemeente Amsterdam (de parkeerverordening) kan worden bepaald in welke gevallen en op welke plaatsen een wielklem wordt aangebracht. In de parkeerverordening staat dat een wielklem kan worden aangebracht in het geval van wanbetalen. Als sprake is van wanbetalen kan direct een wielklem geplaatst worden. Op grond van artikel 1, onder a, van het Uitvoeringsbesluit wielklemregeling wanbetalers Amsterdam 2020 is sprake van wanbetalen indien op een kenteken vijf of meer niet-betaalde naheffingsaanslagen zijn opgelegd. Dat is in onderhavige zaak het geval. Omdat eiseres vijf naheffingsaanslagen tegelijkertijd geregistreerd had staan op haar voertuig en zij die niet tijdig had betaald, oordeelt de rechtbank dat de heffingsambtenaar de wielklem heeft kunnen aanbrengen. Omdat de heffingsambtenaar de wielklem mocht aanbrengen, mocht hij de kosten hiervan ook verhalen op eiseres.
6. Voor zover eiseres zich heeft beroepen op het telefoongesprek tussen haar en de gemeente Amsterdam, overweegt de rechtbank dat eiseres dit standpunt verder niet heeft onderbouwd.
Conclusie
7. Het beroep is ongegrond. Voor vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C. Loman, rechter, in aanwezigheid van
mr. H.M. Dost, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 mei 2024.
griffier
rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam, Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.
Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.