Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[gedaagde 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
5.De beslissing
€ 1.079,00 aan salaris advocaat
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een vordering van Westinghouse Legal Partners B.V. (WLP) tegen [gedaagden], bestaande uit een huisarts en zijn holding, over betaling van honorarium voor juridische bijstand in een geschil over een aandelenovername. WLP voerde een no cure no pay afspraak waarbij zij 50% van de opbrengst zou ontvangen, maar deze afspraak is nietig volgens de gedragsregels voor advocaten en de Verordening op de advocatuur.
WLP stelde dat de nietige afspraak geconverteerd moest worden naar een redelijke vergoeding op basis van gewerkte uren en bekende uurtarieven, maar kon dit niet onderbouwen met een urenstaat of andere stukken. [gedaagden] voerde onder meer dwaling, onzorgvuldige advisering, gebrek aan transparantie en een te hoge factuur aan.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de no cure no pay afspraak niet afdwingbaar is en dat WLP onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt wat een redelijk loon zou zijn. Ook was sprake van onvoldoende communicatie en transparantie over de kosten. De vordering tot betaling van het honorarium en een bankgarantie werd daarom afgewezen. WLP werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de advocaat tot betaling van ruim drie ton wordt afgewezen wegens nietigheid van de no cure no pay afspraak en onvoldoende onderbouwing van een redelijk loon.