Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Inleiding en tenlastelegging
bijlage Ivan dit vonnis. De inhoud daarvan geldt als hier ingevoegd.
3.Waardering van het bewijs
bijlage IIopgenomen bewijsmiddelen het volgende vast.
4.Bewezenverklaring
5.Strafbaarheid van de feiten en van verdachte
6.Motivering van de straf
7.Vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
feiten 1 primair, 2 primair, 3 en 4niet bewezen en
spreektverdachte daarvan
vrij.
[verdachte] ,daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvan
30 (dertig) maanden.
benadeelde partij [slachtoffer]toe tot een bedrag van
€ 985,00 (negenhonderdvijfentachtig euro)aan vergoeding van materiële schade en
€ 2.500,00 (tweeduizendvijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade. De schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van het ontstaan van de schade (3 september 2022) tot aan de dag van de algehele voldoening.
materiële schade afvoor een bedrag van
€ 2.910,00 (tweeduizendnegenhonderdtien euro).
overige niet-ontvankelijkin zijn vordering tot vergoeding.
ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 3.485,00 (drieduizendvierhonderdvijfentachtig euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (3 september 2022) tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 44 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.