Uitspraak
1.De procedure
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat,
- [naam 1] en [naam 2] , namens de WSS,
- de pleegmoeder en pleegvader.
2.De feiten
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2007.
Rechtbank Amsterdam
De vader verzocht de rechtbank om een omgangsregeling met zijn 15-jarige zoon vast te stellen, waarbij meerdere momenten van contact werden voorgesteld, waaronder begeleide en onbewaakte omgang. De minderjarige woont al vijf jaar bij pleegouders, waaronder zijn tante, en heeft aangegeven geen contact met zijn vader te willen en zich niet te willen laten dwingen tot omgang.
De William Schrikker Stichting (WSS), als voogd, en de pleegouders stelden dat het belangrijk is dat het contact ongedwongen plaatsvindt en dat de minderjarige alert is op het overschrijden van zijn grenzen, vooral door spanningen tussen de vader en pleegmoeder. De rechtbank heeft het belang van de minderjarige vooropgesteld en geoordeeld dat het afdwingen van omgang de relatie niet ten goede zou komen.
De rechtbank wees het primaire verzoek van de vader af en ook het subsidiaire verzoek tot benoeming van een bijzondere curator, omdat de minderjarige al een vertrouwensband heeft met de gezinsvoogd en er geen aanwijzingen zijn voor een loyaliteitsconflict. De invulling van de omgang blijft in handen van de WSS, die wordt aangemoedigd om het contact te stimuleren en de communicatie tussen vader en WSS te verbeteren.
Ten slotte benadrukte de rechtbank dat het verbeteren van de relatie tussen vader en pleegmoeder in het belang van de minderjarige is, gezien de spanningen die hij ervaart.
Uitkomst: Het verzoek van de vader tot omgang met zijn minderjarige zoon en tot benoeming van een bijzondere curator wordt afgewezen omdat het niet in het belang van de minderjarige is om omgang af te dwingen.