ECLI:NL:RBAMS:2023:8350
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot afdracht huurinkomsten ex-echtgenote wegens ongerechtvaardigde verrijking
Eiser, een rechtspersoon naar Frans recht, vordert betaling van huurinkomsten die ex-echtgenote gedaagde rechtstreeks op haar privérekening ontving uit verhuur van een gezamenlijk vakantiehuis. De verhuurperiode liep van 2015 tot 2019, waarbij de eigendom van het onroerend goed bij eiser lag en gedaagde en haar ex-partner als verhuurders optraden.
De rechtbank beoordeelt de vordering op basis van Nederlands recht, waarbij uit de huurcontracten blijkt dat gedaagde en haar ex-partner als verhuurders stonden vermeld en de huurders aan hen huurpenningen verschuldigd waren. Eiser baseert haar vordering op ongerechtvaardigde verrijking, stellende dat gedaagde de huurinkomsten ten onrechte heeft gehouden.
De rechtbank oordeelt dat geen sprake is van ongerechtvaardigde verrijking of onrechtmatig handelen, omdat gedaagde niet buiten weten van haar ex-partner verhuurde en deze op de hoogte was van de verhuur en de ontvangsten. De vordering wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eiser in de proceskosten.