Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Târgovişte Civil Court,Roemenië, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam behandelde op 15 november 2023 een vordering van de officier van justitie tot in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Roemeense justitiële autoriteit op 15 juli 2016. De opgeëiste persoon, een Roemeense staatsburger zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, was niet aanwezig op de zitting en werd vertegenwoordigd door een advocaat die eveneens afwezig was.
De rechtbank stelde de identiteit van de opgeëiste persoon vast en onderzocht de ontvankelijkheid van de vordering. Hoewel de officier van justitie had aangegeven de vordering te willen intrekken, bleek uit de communicatie van de uitvaardigende autoriteit dat het EAB niet was ingetrokken. Tijdens de zitting meldde de officier van justitie dat de opgeëiste persoon niet langer in Nederland is, maar in detentie is genomen aan de grens met Roemenië.
Gezien het feit dat de opgeëiste persoon zich niet meer in Nederland bevindt, concludeerde de rechtbank dat de grondslag voor de vordering is komen te vervallen en verklaarde de officier van justitie niet-ontvankelijk. Tevens stelde de rechtbank vast dat het geschorste bevel tot overleveringsdetentie is beëindigd. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De officier van justitie wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de opgeëiste persoon zich niet meer in Nederland bevindt.