ECLI:NL:RBAMS:2023:7517

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
29 november 2023
Publicatiedatum
28 november 2023
Zaaknummer
AMS 23/6453
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbAlgemene Verordening Gegevensbescherming
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen verkeersbesluit afsluiting straat tijdens spitsuren

Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft op 20 oktober 2023 een verkeersbesluit genomen waarbij de [straat 1] tijdens de spitsuren wordt afgesloten voor alle motorvoertuigen, uitgezonderd lijnbussen, om sluipverkeer tegen te gaan en de verkeersveiligheid te verbeteren.

Verzoeker, een bewoner van de wijk, maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om het besluit te schorsen totdat op het bezwaar is beslist. Hij stelde dat de verplichte privacyverklaring bij het aanvragen van een ontheffing in strijd is met de AVG.

De voorzieningenrechter oordeelde echter dat er geen spoedeisend belang is omdat het college heeft toegelicht dat kentekengegevens van ontheffinghouders niet worden opgeslagen en dat bewoners een ontheffing kunnen aanvragen. Ook kan de camera worden vermeden door een kleine omweg. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, waardoor het verkeersbesluit voorlopig van kracht blijft.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het verkeersbesluit wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 23/6453

uitspraak van de voorzieningenrechter van 29 november 2023 in de zaak tussen

[verzoeker] , uit Amsterdam, verzoeker

en

het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, het college

(gemachtigde: mr. A. de Waal).

Inleiding

1.1.
Met het bestreden besluit van 20 oktober 2023 (het verkeersbesluit) heeft het college een verkeersbesluit genomen waardoor de [straat 1] gesloten is voor alle motorvoertuigen tijdens de spitsuren, uitgezonderd lijnbussen.
1.2.
Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening gevraagd, die ertoe strekt het verkeersbesluit te schorsen totdat op het bezwaar is beslist.
1.3.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 21 november 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker en namens het college mr. A. de Waal, [naam 1] en [naam 2] .

Het bestreden besluit

1. Het college overweegt in het verkeersbesluit onder meer dat de verkeersveiligheid van de [straat 2] verbeterd moet worden omdat er aanrijdingen plaatsvinden tussen auto’s en fietsen. Een inrijverbod voor motorvoertuigen op de [straat 2] West is reeds ingesteld. Tegelijk met dit verkeersbesluit wordt een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen, uitgezonderd lijnbussen, ingesteld voor de [straat 2] Oost. Aanvullend hierop wordt met dit verkeersbesluit de [straat 1] tijdens de spitsuren gesloten, om te voorkomen dat tijdens de spitsuren sluipverkeer gebruik maakt van de [straat 1] . De maatregel gaat in per 1 november 2023. De verkeersmaatregel zal onder meer worden gehandhaafd met behulp van Automatic Number Plate Recognition (ANPR) camera’s in combinatie met daartoe bevoegde buitengewoon opsporingsambtenaren. Het college heeft het verkeersbesluit genomen om de leefbaarheid en verkeersveiligheid te vergroten. Volgens het college wegen de voordelen die het verkeersbesluit biedt door het vergroten van de leefbaarheid en verkeersveiligheid zwaarder dan het nadeel dat in de betreffende wegdelen in de spitsuren geen doorgaand verkeer meer mogelijk is voor motorvoertuigen.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

De voorzieningenrechter treft op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) alleen een voorlopige voorziening als “onverwijlde spoed” dat vereist. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
4.1.
Verzoeker voert aan dat bewoners van de wijk een ontheffing kunnen krijgen om langs de geslotenverklaring te rijden. Deze wordt echter ‘bewaakt’ door een camera met kentekenherkenning. Dat betekent dat bij iedere passage de bewoners met ontheffing wordt geregistreerd. De aanvrager van de ontheffing wordt verplicht om akkoord te gaan met de privacy verklaring van de gemeente Amsterdam voor de camera’s. Verzoeker vindt dit verplichtende karakter strijdig met de AVG. [1] Op de zitting heeft verzoeker de andere twee gronden van zijn verzoek laten vallen.
4.2.
De voorzieningenrechter ziet in hetgeen verzoeker aanvoert geen spoedeisend belang. Het college heeft op de zitting uitgelegd dat de geregistreerde kentekens waarvoor een ontheffingsvergunning is gegeven door het systeem automatisch worden gewist en niet worden opgeslagen. Hoewel verzoeker stelt dat ook die werkwijze onder de AVG valt, heeft hij niet (onderbouwd) bestreden dat gegevens van vergunninghouders niet worden opgeslagen. Verzoeker is zelf bewoner van de wijk en kan dus een ontheffingsvergunning aanvragen. Het college heeft er daarnaast op gewezen dat het mogelijk is om de camera’s te vermijden door een kleine omweg te maken. Verzoeker heeft dit niet bestreden. De voorzieningenrechter concludeert dat verzoeker niet hoeft te vrezen voor een daadwerkelijke en onvermijdelijke schending van zijn privacy. Het lijkt hem vooral om een principiële kwestie te gaan. De beantwoording daarvan is niet spoedeisend. Daarom is er naar het oordeel van de voorzieningenrechter geen reden om nu het verkeersbesluit te schorsen. Van verzoeker kan worden verwacht dat hij de besluitvorming op zijn bezwaar afwacht.

Conclusie en gevolgen

5. De voorzieningenrechter wijst het verzoek af. Dat betekent dat het verkeersbesluit voorlopig in stand blijft. Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.F. Ferdinandusse, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. E.H. Kalse-Spoon, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 29 november 2023.
griffier
voorzieningenrechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Voetnoten

1.Algemene Verordening Gegevensbescherming.