Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2023:7457

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
17 oktober 2023
Publicatiedatum
23 november 2023
Zaaknummer
23/018821
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 552a SvArt. 18 RWM
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gegrond verklaard beklag tot teruggave antieke wapencollectie

Op 1 mei 2023 zijn onder de klager meerdere wapens in beslag genomen op grond van artikel 94 Sv Pro. De klager diende op 22 juni 2023 een klaagschrift in op grond van artikel 552a Sv, gericht op teruggave van deze wapens. De klager stelde dat het een collectie antieke wapens betreft die valt onder de vrijstelling van artikel 18 RWM Pro.

De rechtbank behandelde het klaagschrift op 17 oktober 2023 in openbare raadkamer, waarbij zowel de klager als de officier van justitie werden gehoord. Het Openbaar Ministerie verzette zich niet tegen de teruggave van de wapens.

De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd was en dat de klager ontvankelijk was in het klaagschrift, dat binnen de wettelijke termijn was ingediend. Er was geen aanwijzing dat een ander dan de klager als rechthebbende moest worden aangemerkt. Gezien het ontbreken van een strafvorderlijk belang werd het beslag opgeheven en teruggave aan de klager gelast.

De beslissing werd gegeven door de meervoudige raadkamer van de rechtbank Amsterdam en in het openbaar uitgesproken op 17 oktober 2023. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open voor zowel de klager als het Openbaar Ministerie.

Uitkomst: De rechtbank gelast teruggave van de antieke wapencollectie aan de klager wegens ontbreken van strafvorderlijk belang.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Strafrecht
Zittingsplaats Amsterdam
raadkamernummer : 23/018821
datum : 17 oktober 2023
beslissing van de meervoudige raadkamer op het beklag op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:

[klager] ,

geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats] ,
wonende op het adres [adres verdachte] ,
hierna te noemen: de klager, tevens beslagene.

Feiten

Uit de kennisgeving van inbeslagname op grond van artikel 94 Sv Pro, blijkt dat op 1 mei 2023 onder klager een aantal wapens in beslag zijn genomen.

Procedure

Het klaagschrift is op 22 juni 2023 ter griffie van deze rechtbank ontvangen.
Het Openbaar Ministerie heeft op voorhand zijn standpunt schriftelijk kenbaar gemaakt.
De rechtbank heeft op 17 oktober 2023 het klaagschrift in openbare raadkamer behandeld.
De rechtbank heeft de klager en de officier van justitie op zitting gehoord.

Beklag

Het beklag strekt tot teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen.
Door de klager is aangevoerd dat het een collectie antieke wapens betreft, die valt onder de vrijstelling van artikel 18 RWM Pro.

Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie verzet zich niet tegen teruggave van de inbeslaggenomen voorwerpen aan de klager.

Beoordeling

De rechtbank is bevoegd.
Het beklag is schriftelijk gedaan en ingediend binnen twee jaren na inbeslagneming. De klager is daarom ontvankelijk in het beklag.
De rechtbank is aan de hand van de haar ter beschikking staande gegevens nagegaan of een ander dan klager als belanghebbende moet worden aangemerkt. Hiervan is de rechtbank niet gebleken.
De officier van justitie heeft verklaard dat het strafvorderlijk belang zich niet verzet tegen opheffing van het beslag.
Hoofdregel is dat hetgeen in beslag is genomen wordt teruggegeven aan de beslagene.
De rechtbank is van oordeel dat bij het ontbreken van strafvorderlijk belang het beslag dient te worden opgeheven.
Nu klager beslagene is en niet iemand anders redelijkerwijs als rechthebbende kan worden beschouwd, zal de rechtbank teruggave aan klager gelasten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beklag gegrond en gelast de teruggave aan de klager van de collectie antieke wapens.
Deze beslissing is gegeven door
mr. W.M.C. van den Berg, voorzitter,
en mrs. D. van den Brink en K. Duker, rechters,
in tegenwoordigheid van G. Jenuwein, griffier,
en in het openbaar uitgesproken op 17 oktober 2023.
De jongste rechter is buiten staat om
deze beslissing mede te ondertekenen.
Tegen de beslissing van deze rechtbank staat voor de klager en het Openbaar Ministerie beroep in cassatie bij de Hoge Raad open, in te stellen bij de griffie van deze rechtbank: voor de klager binnen veertien (14) dagen na betekening van deze beslissing en voor het Openbaar Ministerie binnen veertien (14) dagen na de dagtekening van de beslissing.