Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
.
Rechtbank Amsterdam
De officier van justitie verzocht om verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, die reeds vrijwillige hulpverlening had ontvangen en tweemaal vrijwillig was opgenomen. Tijdens de mondelinge behandeling op 31 januari 2023 gaf betrokkene gemotiveerd aan de zorg vrijwillig te willen accepteren. Betrokkene had haar medicatie afgebouwd in overleg met behandelaren en toonde ziektebesef en inzicht.
De behandelaars vertrouwden erop dat betrokkene de zorg vrijwillig zou blijven accepteren. De rechtbank deelde dit vertrouwen en concludeerde dat niet voldaan was aan de vereisten voor verplichte zorg. De officier van justitie was niet aanwezig bij de mondelinge behandeling, omdat hij geen nadere motivering noodzakelijk achtte.
Op grond van deze feiten en de beoordeling van de vrijwilligheid van betrokkene wees de rechtbank het verzoek tot verlenging van de crisismaatregel af. De beschikking werd mondeling gegeven op 31 januari 2023 en schriftelijk uitgewerkt op 14 februari 2023. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: Verzoek tot verlenging van de crisismaatregel wordt afgewezen wegens vrijwilligheid van zorgacceptatie.