ECLI:NL:RBAMS:2023:6372

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
11 oktober 2023
Publicatiedatum
12 oktober 2023
Zaaknummer
13.189.796-23
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste en enige aanleg
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 2 OLWArt. 5 OLWArt. 7 OLWArt. 9 Wegenverkeerswet 1994Art. 12 OLW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toestemming overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel voor verkeersovertreding

De rechtbank Amsterdam heeft op 11 oktober 2023 uitspraak gedaan over de vordering van de officier van justitie tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de regionale rechtbank in Kielce, Polen. Het EAB betreft de aanhouding en overlevering van een Poolse verdachte geboren in 1982, die een vrijheidsstraf van zes maanden moet ondergaan wegens een verkeersovertreding.

Tijdens de zitting van 27 september 2023 verscheen de verdachte bijgestaan door zijn raadsman en een Poolse tolk. De rechtbank heeft de wettelijke termijn voor uitspraak met dertig dagen verlengd. De identiteit van de verdachte werd bevestigd en de raadsman erkende dat er geen weigeringsgronden aanwezig zijn.

De rechtbank stelde vast dat het EAB voldoet aan de formele eisen van de Overleveringswet en dat er geen sprake is van een weigeringsgrond zoals bedoeld in artikel 12 OLW Pro. De strafbare feiten vereisen dubbele strafbaarheid, welke volgens de rechtbank is gegeven, aangezien het feit onder artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 valt.

De rechtbank concludeerde dat er geen beletselen zijn voor overlevering en heeft daarom de overlevering toegestaan. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.

Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan Polen toe voor de uitvoering van een vrijheidsstraf van zes maanden.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13.189.796-23
Datum uitspraak: 11 oktober 2023
UITSPRAAK
op de vordering van 2 augustus 2023 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). [1]
Dit EAB is uitgevaardigd op 22 september 2022 door
the Regional Court in Kielce, Polen (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon]
geboren in [geboorteplaats] (Polen), op [geboortedag] 1982,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: [adres], [plaats],
hierna ‘de opgeëiste persoon’.

1.Procesgang

De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 27 september 2023, in aanwezigheid van mr. N.R. Bakkenes, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsman, mr. A.M.J. Joris, waarnemend voor mr. M. Broere, beiden advocaat te Roosendaal en door een tolk in de Poolse taal.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. [2]

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Poolse nationaliteit heeft.

3.Referte

De raadsman heeft aangevoerd dat er zich geen weigeringsgronden voordoen en heeft zich aan het oordeel van de rechtbank gerefereerd.

4.Grondslag en inhoud van het EAB

Het EAB vermeldt een
enforcable judgement of the Local Court in Staszówvan 9 augustus 2019 met ref. II K 235/19.
De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van 6 maanden, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. De vrijheidsstraf is aan de opgeëiste persoon opgelegd bij het hiervoor genoemde vonnis.
Dit vonnis betreft het feit zoals dat is omschreven in het EAB. [3]

5.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro

De rechtbank stelt vast dat het EAB strekt tot de tenuitvoerlegging van een vonnis terwijl de verdachte niet in persoon is verschenen bij het proces dat tot die beslissing heeft geleid, en dat – kort gezegd – zich een omstandigheid als in artikel 12, sub a, OLW heeft voorgedaan. In het EAB is in rubriek d) namelijk het volgende opgenomen:
(a) the person was summoned in person on 5 July 2019 and thereby informed of the scheduled date and place of the trial which resulted in the decision and was informed that a decision may be handed down if he/she does not appear for the trial;
De weigeringsgrond van artikel 12 OLW Pro is dus niet van toepassing.

6.Strafbaarheid

Feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als een strafbaar feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de kaderbesluitconform uitgelegde eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW juncto artikel 7, eerste lid, onder a 2°, OLW zijn neergelegd.
De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan.
Het feit levert naar Nederlands recht op:
Overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994

7.Slotsom

De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW Pro. Verder staan geen
weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe.

8.Toepasselijke wetsbepalingen

De artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994, en 2, 5 en 7, OLW.

9.Beslissing

STAAT TOEde overlevering van
[opgeëiste persoon]aan
the Regional Court in Kielce(Polen) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.
Deze uitspraak is gedaan door
mr. J.G. Vegter, voorzitter,
mrs. N.J. Koene en B.M. Vroom-Cramer, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. Y.M.E. Jurgens en L.E. Poel, griffiers,
en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 11 oktober 2023.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.

Voetnoten

1.Zie artikel 23 Overleveringswet Pro.
2.Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW.
3.Zie onderdeel e) van het EAB.