ECLI:NL:RBAMS:2023:5825

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
10 augustus 2023
Publicatiedatum
18 september 2023
Zaaknummer
13/166050-23 (AVT I)
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14 OverleveringswetArt. 8 Kaderbesluit 2002/584/JBZArt. 27 Kaderbesluit 2002/584/JBZ
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Weigering aanvullende toestemming uitbreiding vervolging overgeleverde persoon Polen

De rechtbank Amsterdam heeft op 10 augustus 2023 een beslissing genomen op een verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van aanvullende toestemming voor uitbreiding van de vervolging van een overgeleverde persoon uit Polen. Dit verzoek was ingediend op grond van artikel 14 van Pro de Overleveringswet (OLW) en betrof een persoon geboren in 1985 in Polen en gedetineerd in het buitenland.

De rechtbank beoordeelde dat het verzoek voldeed aan de vereisten van artikel 8 van Pro het Kaderbesluit 2002/584/JBZ en dat de stukken toereikend waren om een beslissing te nemen met eerbiediging van de rechten van verdediging. Echter ontbrak een nationaal arrestatiebevel, wat volgens de rechtbank een noodzakelijke voorwaarde is voor het verlenen van aanvullende toestemming.

De uitvaardigende justitiële autoriteit gaf aan dat vanwege het specialiteitsbeginsel geen nationaal aanhoudingsbevel kon worden uitgevaardigd. De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van een nationale rechterlijke beslissing een reden is om het verzoek af te wijzen, omdat alleen de daadwerkelijke uitvoering van zo’n beslissing het specialiteitsbeginsel kan schenden, niet de uitvaardiging ervan.

Daarom heeft de rechtbank de aanvullende toestemming voor uitbreiding van de vervolging geweigerd. De beslissing werd genomen door de voorzitter en twee rechters in aanwezigheid van de griffier.

Uitkomst: De rechtbank weigert de aanvullende toestemming voor uitbreiding van de vervolging wegens het ontbreken van een nationaal aanhoudingsbevel.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/166050-23 (AVT I)
Datum beslissing: 10 augustus 2023
BESLISSING
op de vordering ex artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 7 juli 2023, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor uitbreiding van de vervolging als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder f, OLW. Dit verzoek is ingediend door
the judge of the Regional Court in Bielsko- Biała(Polen) op 6 maart 2023 en betreft:
[opgeëiste persoon] ,
geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats] (Polen),
gedetineerd in [land] ,
hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1.Beoordeling

Het verzoek bevat de gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. De voorhanden zijnde stukken zijn toereikend om - met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging van de overgeleverde persoon - een beslissing te nemen.
Het verzoek betreft feiten ten aanzien waarvan krachtens de OLW overlevering had kunnen worden toegestaan.
Uit de stukken blijkt niet dat aan het verzoek een nationaal arrestatiebevel ten grondslag ligt. Desgevraagd heeft de uitvaardigende justitiële autoriteit per e-mail van 20 juni 2023 laten weten dat het vanwege het principe van specialiteit niet mogelijk is een nationaal aanhoudingsbevel voor betrokkene uit te vaardigen. [1]
Uit artikel 27, vierde lid in verbinding met artikel 8, eerste lid, aanhef en onder c, Kaderbesluit 2002/584/JBZ blijkt naar het oordeel van de rechtbank duidelijk dat ook aan een verzoek om aanvullende toestemming een nationale rechterlijke beslissing in de zin van laatstgenoemde bepaling ten grondslag moet worden gelegd. Anders dan door de uitvaardigende justitiële autoriteit gesteld, is de enkele uitvaardiging van zo’n beslissing niet in strijd met het specialiteitsbeginsel, alleen de daadwerkelijke uitvoering daarvan.
Omdat de vermelding van een nationaal aanhoudingsbevel ontbreekt, zal de rechtbank het verzoek afwijzen.

2.Beslissing

De rechtbank:
WEIGERTtoestemming voor uitbreiding van de vervolging van
[opgeëiste persoon]voor de feiten zoals vermeld in het verzoek.
Deze beslissing is genomen op 10 augustus 2023 door
mr. P. van Kesteren, voorzitter,
mrs. M. van Mourik en Ch.A. van Dijk, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. V.D. Reinders, griffier,

Voetnoten

1.Zie artikel 27, tweede lid, Kaderbesluit 2002/584/JBZ.