ECLI:NL:RBAMS:2023:4132
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening AOW-uitkering wegens verblijf op Westelijke Jordaanoever zonder sociaal zekerheidsverdrag
Eiseres ontvangt sinds 2012 een AOW-pensioen en een tegemoetkoming KOB. Verweerder heeft het AOW-pensioen vanaf februari 2021 herzien en het te veel betaalde bedrag teruggevorderd omdat eiseres volgens verweerder woonachtig is op de Westelijke Jordaanoever, een gebied zonder sociaal zekerheidsverdrag met Nederland.
Eiseres stelde dat zij in januari 2021 is verhuisd naar een erkend gebied in Israël, maar door een Covid-19 besmetting niet daadwerkelijk kon verhuizen en slechts de intentie had om te verhuizen. Zij overlegde medische verklaringen ter onderbouwing.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht uitgaat van de feitelijke woonsituatie, namelijk dat eiseres woont in [plaats 2] op de Westelijke Jordaanoever. De intentie tot verhuizing is onvoldoende onderbouwd en de medische situatie verhindert reizen, waardoor de feitelijke verblijfplaats bepalend is.
Omdat Nederland geen sociaal zekerheidsverdrag heeft met de Westelijke Jordaanoever, is het herzieningsbesluit en de terugvordering van het te veel betaalde pensioen terecht. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van de AOW-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiseres feitelijk woont in een gebied zonder sociaal zekerheidsverdrag.