Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2023:3162

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
17 mei 2023
Publicatiedatum
17 mei 2023
Zaaknummer
1305719722
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak verdachte diefstal met geweld en wapenbezit in Amsterdam

Op 14 juli 2020 werd verdachte verdacht van diefstal met geweld en het bezit van een vuurwapen in Amsterdam. De officier van justitie en de verdediging waren het eens dat verdachte vrijgesproken moest worden vanwege gebrek aan overtuigend bewijs.

Tijdens de terechtzitting van 4 mei 2023 was verdachte niet aanwezig. De rechtbank nam kennis van de vorderingen van het Openbaar Ministerie en de verdediging. Na beoordeling van het dossier en de pleidooien oordeelde de rechtbank dat het ten laste gelegde niet bewezen kon worden verklaard.

De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd voor materiële en immateriële schade, maar deze vordering werd niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken. De rechtbank bepaalde dat beide partijen hun eigen proceskosten dragen.

De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Amsterdam, waarbij de rechters Meewisse, Bianchi en Bakhuis het vonnis hebben gewezen.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van diefstal met geweld en wapenbezit wegens onvoldoende bewijs.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

VONNIS
Parketnummer: 13/057197-22 (Promis)
Datum uitspraak: 4 mei 2023
Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedag] 2002,
[adres].

1.Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 4 mei 2023. Verdachte was bij de behandeling van zijn strafzaak niet aanwezig.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie mr. A.L. Wagenaar en van wat de raadsman mr. S.V. Ramdihal naar voren heeft gebracht.

2.Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – onder 1 ten laste gelegd dat hij zich op 14 juli 2020 in Amsterdam samen met anderen heeft schuldig gemaakt aan diefstal met geweld. Subsidiair is dit ten laste gelegd als openlijke geweldpleging. Ten aanzien van feit 2 wordt verdachte verweten dat hij zich op dezelfde dag en plaats heeft schuldig gemaakt aan het (medeplegen van het) bezit van een vuurwapen van categorie II en/of categorie III.
De volledige tekst van de tenlastelegging is opgenomen als bijlage 1 bij dit vonnis en geldt als hier ingevoegd.

3.Vrijspraak

3.1.
Het standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken van het ten laste gelegde feit, omdat het dossier weliswaar voldoende wettig bewijs bevat maar de overtuiging ontbreekt.
3.2.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft zich eveneens op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken, omdat het dossier onvoldoende bewijs bevat.
3.3.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is, met de officier van justitie en de raadsman, op grond van het dossier en het verhandelde ter zitting van oordeel dat het ten laste gelegde niet bewezen is, omdat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is voor betrokkenheid van verdachte bij de hem ten laste gelegde feiten. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken van beide feiten.

4.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde partij [benadeelde partij] vordert € 1750,- aan vergoeding van materiële schade en
€ 14.000,- aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente
,alsmede € 50,- aan proceskosten.
De benadeelde partij zal in de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard, omdat verdachte van het feit waarvoor vergoeding wordt gevorderd wordt vrijgesproken.
De benadeelde partij en de verdachte zullen ieder de eigen kosten dragen.

5.Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.
Verklaart het ten laste gelegde niet bewezen en
spreekt verdachte daarvan vrij.
Verklaart [benadeelde partij]
niet-ontvankelijkin zijn vordering.
Bepaalt dat de benadeelde partij en de verdachte ieder de eigen kosten dragen.
Dit vonnis is gewezen door
mr. C.P.E. Meewisse, voorzitter,
mrs. C.W. Bianchi en M. Bakhuis, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. K. Buiskool, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 4 mei 2023.
[…]