Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
(primair)althans medeplegen van zware mishandeling
(subsidiair)van [persoon] ;
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Waardering van het bewijs
bijlage IIhet volgende vast.
4.Bewezenverklaring
bijlage IIbewezen dat verdachte
5.Strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straf en maatregel
8.Vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [persoon]
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstraf van 5 (vijf) jaar.
ter beschikking wordt gestelden beveelt dat hij van overheidswege wordt verpleegd.
[persoon] toetot een bedrag van
€ 1.292.330,05(éénmiljoentweehonderdtweeënnegentigduizenddriehonderddertig euro en vijf eurocent), bestaande uit een bedrag van
€ 1.232.330,05(éénmiljoentweehonderdtweeëndertigduizenddriehonderddertig euro en vijf eurocent) aan vergoeding van materiële schade en een bedrag van
€ 60.000,-(zestigduizend euro) aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 2 april 2022 tot aan de dag van betaling.
hoofdelijkaansprakelijk tot betaling van het toegewezen bedrag aan [persoon] voornoemd, behalve voor zover dit bedrag al door of namens een ander is betaald.
€ 1.292.330,05(éénmiljoentweehonderdtweeënnegentigduizenddriehonderddertig euro en vijf eurocent) te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 2 april 2022 tot aan de dag van betaling, behalve voor zover dit bedrag al door of namens een ander is betaald. Als er niet wordt betaald, kan gijzeling worden toegepast van 365 (driehonderdvijfenzestig) dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.