ECLI:NL:RBAMS:2023:211
Rechtbank Amsterdam
- Tussenbeschikking
- Rechtspraak.nl
Tussenbeslissing teruggave 17e-eeuws bronzen kanon in rekestprocedure
Op 6 april 2022 werd een 17e-eeuws bronzen kanon, vermoedelijk van de West-Indische Compagnie, in beslag genomen bij de klager, een beroepsvisser die het kanon op 15 maart 2022 opviste buiten de 24 zeemijl zone. De klager werd verdacht van verduistering en meldde de vondst niet bij de douane. Het Openbaar Ministerie wilde het kanon overdragen aan het Rijksvastgoedbedrijf.
De klager stelde zich op het standpunt eigenaar te zijn van het kanon, verwijzend naar het Burgerlijk Wetboek en het feit dat het kanon dateert uit WIC I, niet WIC II. De raadsman voerde aan dat het kanon mogelijk door overboord gooien eigendomsoverdracht had ondergaan en dat de inbeslagneming niet rechtmatig was.
Het Openbaar Ministerie wijzigde haar standpunt en erkende dat niet duidelijk is wie de rechthebbende is, waardoor nader onderzoek naar eigendom en meldplicht noodzakelijk is. De rechtbank oordeelde dat het onderzoek summier is en dat het belang van strafvordering het beslag kan rechtvaardigen zolang het niet onwaarschijnlijk is dat het kanon verbeurd wordt verklaard.
De rechtbank besloot het onderzoek te heropenen en de behandeling maximaal vier maanden te schorsen in afwachting van nader onderzoek door het Openbaar Ministerie naar eigendom en vervolging. Klager en zijn raadsman worden opgeroepen voor een nieuwe zitting.
Uitkomst: De rechtbank schorst de behandeling van het beklag tot nader onderzoek naar eigendom en vervolging.